All posts by Natasja

Bye bye kaas en zuivel?

De Vijf: vegetarische vleesvervangers

Gerbrand appte mij laatst een artikel van NOS, waarin ze Milieu Centraal aan het woord laten over ‘de do’s en don’ts’ voor het klimaat. De meeste do’s en don’ts waren geen verrassing en proberen we al zo goed mogelijk toe te passen. Er stond echter één puntje tussen waarover we ons al langer niet helemaal goed voelen: het eten van zuivel en kaas. We eten nu al een tijdje volledig vegetarisch en dat scheelt natuurlijk al enorm. Maar zo lang we nog steeds dagelijks zuivelproducten en kaas eten, werken we eigenlijk nog net zo hard mee aan de problemen die dit veroorzaakt.

We starten de dag ‘s ochtends met ieder 200 gram biologische kwark. Daar deden we tot een paar weken geleden nog 100 gram magere yoghurt bij (dat geeft zo’n lekkere structuur, vinden wij), maar de yoghurt hebben we vervangen door Alpro Mild & Creamy kokos. Die stap was heel gemakkelijk om te zetten, vooral voor mij, als rasechte kokosfan. De Mild & Creamy kokos smaakt helemaal niet naar soyayoghurt en daar ben ik heel blij om. De keren dat ik soyayoghurt naturel probeerde, vond ik de smaak echt vreselijk. Alsof ik vloeibaar karton zat te eten… De kwark vervangen we nu af en toe door Alpro Go On. Deze variant heeft de structuur van kwark en is prima te eten. Er zit een beetje suiker in en dat verhult de kartonsmaak waar ik zo’n hekel aan heb. Normaal gesproken probeer ik producten met toegevoegd suiker zoveel mogelijk te vermijden, maar bij het vervangen van zuivelproducten is een beetje toegevoegd suiker geen probleem. Lactose, in zuivel, is ook een vorm van suiker. In de biologische kwark zit 3,5 gram suiker per 100 gram en in de Alpro Go On zit 2,5 gram suiker, minder suiker dus zelfs! We kunnen met deze producten ons muesli-ontbijtje dus prima en zonder problemen plantaardig maken.

Maar dan de kaas hè, die we tijdens de lunch en het diner vaak eten. In mijn lunchsalades gaat meestal feta en soms een geitenkaasje. Gerbrand houdt wel van kaas op zijn boterham en dat doe ik er in het weekend ook op. We eten gemakkelijk zo’n vierkant stuk kaas per week, anderhalve week. Want een paar plakjes kaas maakt mijn groenteomelet ook nog net iets lekkerder. In de pasta gaat wat mozzarella, eroverheen Parmezaanse kaas (en wie is daar zuinig mee?), bij de patat eten we een kaassouflé en in één van onze favoriete vegaburgers zit….kaas. Risotto met geitenkaas, pizza met kaas en groente, mozzarella in dit heerlijke gnocchirecept van Iris… kaas lijkt een onmisbaar element in onze keuken. Maar ik was jaren geleden ook dol op vlees en dat mis ik helemaal niet. Met kaas zou dat dan toch ook moeten lukken?

We hebben het er al vaker over gehad dat we eigenlijk echt zouden moeten én willen minderen met kaas en zuivel. Vandaar ook de stappen die we gezet hebben om te ontbijten met sojaproducten. We hebben ook overnight oats met kokosdrink geprobeerd, havermoutpap met hetzelfde kokosspul en een soort mueslibrood, maar dat viel niet zo in de smaak. Ik ben erg gehecht aan mijn biologische muesli van de Hema, met kokos, lijnzaad en tegenwoordig extra gerstevlokken (in plaats van rozijnen…). Maar verder dan dat kwamen nog niet met onze goede voornemens. Dat gaat veranderen. In kleine stappen gaan we onze kaas- en zuivelconsumptie afbouwen. Zo kopen we voor thuis geen kaas of kaasproducten meer voor bij de lunch. Dus geen kaas meer op brood en geen feta of geitenkaas door mijn salades. Vandaag heb ik het laatste beetje jonge kaas opgegeten. Ook gaan we ons best doen om ‘s avonds vaker volledig plantaardig te eten. En buitenshuis zal ik vaker kiezen voor gerechten zonder kaas of zuivel. Deze langzame manier van afbouwen heb ik ook gebruikt bij het minderen met vlees, totdat ik echt vegetarisch at. Als je te rigoureus wilt veranderen, is het veel moeilijker om vol te houden. De kans dat je terugvalt naar gewoonten die je eigenlijk wilt afleren is dan erg groot en dat zorgt alleen maar voor teleurstelling. Terwijl eten een fijne bezigheid is en dat wil ik graag zo houden.

Ik volg genoeg leuke mensen die plantaardig eten, dus bij hen vind ik vast genoeg inspiratie om onze kaas- en zuivelconsumptie drastisch te verminderen. Bij Blackbirds and Cakes zag ik een boek voorbijkomen met recepten om zelf vegan kaas te maken. Ik ben heel benieuwd hoe die smaken! En hoeveel werk het is om dat zelf te brouwen… Kortom, we gaan niet cold turkey zonder kaas en zuivel, maar we gaan wel voor véél minder!

 

 

Ontspullen to the max: hoe is The Minimalism Game ons vergaan?

Minimalism Game, het resultaat

Of het al echoot in ons huis, vroeg iemand mij deze week. Nee, dat niet, maar we hebben wel van 455 items besloten dat ze ons huis gaan verlaten. In augustus maakten Gerbrand en ik het ontspullen nog een graadje zwaarder: we besloten The Minimalism Game te doen. Daarbij doe je op dag 1 één item weg, op dag 2 twee, op dag 3 drie, enzovoorts. De Game duurt officieel 30 dagen waarbij je dus 465 spullen de deur uit doet. Wij besloten er 31 dagen van te maken om te zien of het zou lukken om 496 items te ontspullen, na alle ontspulrondes die we al gedaan hadden.

Je hebt het al gelezen, die 496 hebben we niet gehaald. Maar het scheelde, tot mijn verbazing, niet veel! Met 455 items zitten we slechts 41 spullen van ons doel af en maar 10 items van het originele aantal van 465 af. Ik had echt niet verwacht dat we nog zoveel dingen weg konden doen. Gerbrand en ik hadden er een zwaar hoofd in toen we begonnen aan de challenge: hoe ver zouden we gaan komen? We hadden voor ons gevoel alle kasten en kamers al grondig aangepakt. En bijna 500 spullen klinkt als een immense berg! Toch vlogen de dagen en spullen voorbij. Tot ergens rond dag 20 ging het met gemak, daarna moesten we toch behoorlijk in doosjes, lades en kasten graven om spullen op te duiken. Maar alle items die we op Instagram gedeeld hebben, zijn ook echt overbodig. We hebben niets ontspuld, omdat we nu eenmaal de challenge aangegaan waren. En daarom haalden we ook de 496 spullen niet, omdat we geen dingen weg wilden doen alleen om het wegdoen.

Ik vond het wel intensief, om elke dag bezig te zijn met ontspullen. We moesten dagelijks over veel items een beslissing nemen, ook op dagen dat we minder tijd hadden of moe waren. Met tegenzin zochten we dan in huis naar overbodige dingen, legden deze klaar op de keukentafel voor de Instagramfotosessie en verplaatsten de stapel naar de ‘ontspulhoek’. Daar groeide de berg spullen gestaag. Af en toe konden we al wat items de deur uit doen; we laadden bijvoorbeeld de auto van mijn zusje vol en er kwamen mensen Flow-boekjes en leesboeken ophalen die ze op Instagram hadden zien staan. Ook konden we een Billy boekenkast (nog maar eentje over!) verkopen en dat maakt de woonkamer al een heel stuk leger. Maar de rest is er nog. En ik merk dat dat veel onrust geeft. In ons hoofd hebben we deze spullen al weggedaan, maar we zien ze nog en ze nemen daardoor nog fysieke en psychische ruimte in. Want voor elk item willen we een goed adres vinden. Dat betekent spullen online zetten die verkocht kunnen worden, spullen bewaren voor geïnteresseerden die het op een specifiek moment komen halen of krijgen, dingen naar de kringloop/het asiel/kledingbak brengen, boeken in etappes naar de Little Free Library brengen. Al die zaken kosten tijd en energie. Voor mijn gevoel zitten we dus nog middenin de challenge, alhoewel we geen nieuwe beslissingen meer hoeven te nemen. Het is ook niet helemaal volgens de regels van The Minimalism Game, om de spullen nog in huis te hebben. Officieel moeten de items dezelfde dag voor middernacht je huis verlaten hebben. Maar wie krijgt dat nou voor elkaar, zonder dingen klakkeloos weg te gooien?!

31 dagen ontspullen, het resultaat

Alle 455 items in één collage… Wat een hoop!

Er zit nog een nadeel aan het feit dat veel van de spullen er nog zijn. Ze gaan dan nog minstens één keer door onze handen voor ze definitief weg zijn. Ik weet zeker dat ik niets meer wil houden, maar ik merk dat ik bij sommige dingen toch weer even stilsta. Die stapel Flow Weekly’s bijvoorbeeld. Ik bladerde er in om te checken of ik er geen notities in had gemaakt, voor ze opgehaald zouden worden. Ik werd er meteen vrolijk van: al die mooie illustraties, quotes en gezellige pagina’s. Het verzamel-en-dit-wil-ik-houden-gevoel kwam weer boven. Maar ja, ze lagen al tijden te verstoffen in mijn kast en ik zou ze nu ook echt niet gaan gebruiken. Dus ik besloot eigenlijk nogmaals om ze weg te doen. Ditzelfde geldt voor de kleding die ik ontspuld heb: dat staat in twee boodschappentassen in de stellingkast. Een klein deel ga ik proberen te verkopen, een paar items gaan naar een vriendin en dan moet ik de rest nog uitzoeken voor het Leger des Heils. Het gaat echt weg, maar dat moet ik wel steeds opnieuw bevestigen. Zo’n Minimalism Game helpt dus geweldig om razendsnel te ontspullen en zorgt er ook voor dat je steeds makkelijker beslissingen neemt. Maar wanneer je niet snel genoeg de spullen écht de deur uit doet, maak je het jezelf heel lastig. De Minimalists hadden een goed punt met de regel ‘voor middernacht het huis uit’. Mijn tip: neem de tijd om te ontspullen en zorg dat de items die weg moeten, niet te lang meer in je huis blijven staan.

Als we trouwens kijken naar alle items die sowieso nog weggaan als we gaan verhuizen naar het tiny house, dan komen we nog ruim boven de 50 items extra uit. Dat zijn alle meubels, een aantal opbergmanden, schilderijen, kasten, de wasmachine, de oven, lampen, planten en ga zo maar door. Die kunnen we nu nog niet de deur uit doen, want leven in een leeg huis is ook zo wat 😉 Maar we hebben er in gedachten al afscheid van genomen. De komende tijd staat in het teken van het daadwerkelijk weg doen van de nu ontspulde spullen. Helaas lukt dat niet in één dag (I wish!), maar we gaan proberen de berg regelmatig aan te pakken. Dat is voor de rust in ons huis en in onze hoofden een stuk gunstiger!

Groen het huishouden doen: tips voor buiten de was drogen

De was buiten drogen: scheelt geld en is goed voor het milieu.

Ik vind weinig lekkerder dan slapen in een bed met lakens die ik die dag schoon van de waslijn buiten heb geplukt. Ze ruiken dan zo lekker! En wat ik ook fijn vindt van de was buiten drogen is dat je het dezelfde dag gewassen, gevouwen en schoon in de kast kunt hebben. Jaja, hier komt de huisvrouw in mij naar boven hoor! Als we de was binnen drogen, staat het meestal in de kleine slaapkamer waar ook onze kledingkast staat. Omdat het rek daar niet in de weg staat en de was binnen wel twee dagen nodig heeft om echt goed te drogen, blijft het daarna vaak gewoon hangen. Tussendoor plukken we dan de items eraf die we nodig hebben. Lang niet zo bevredigend als de was buiten laten drogen en daarna meteen fris in de kast te leggen!

Wassen én de was drogen zijn flinke uitdagingen, straks in ons tiny house. Niet alleen hebben we geen ruimte (en energie) voor een wasmachine, ook het drogen van de was zal wat creativiteit vergen. In de lente en zomer hangen we het natuurlijk buiten, maar wat doen we als het regent? En in de herfst, als de luchtvochtigheid heel hoog is? Of in de winter, wanneer het heel koud is? Binnen drogen is geen goed plan, dan krijgen we te veel vocht in huis. Een vochtig huis is minder goed te verwarmen en het verwarmen kost meer energie. Het lijkt me sowieso verstandig om een plekje buiten te maken met waslijnen onder een afdakje, voor de kleine wasjes die we met onze camping/handwasmachine zullen doen. Dan kan het ook naar buiten als het regent. Geen idee hoe snel het dan droogt, maar het is het proberen waard. Ik zie mijn Turkse achterbuurvrouw regelmatig dapper de was buiten hangen op de meest grijze dagen. Als het dan regent, gooit ze er gewoon een groot plastic zeil overheen. En voor grote wassen, zullen we af en toe vrienden lief aankijken óf naar de wasserette gaan. Mochten we met meerdere huisjes op een locatie komen te staan, dan is er misschien de mogelijkheid om een gezamenlijk washok te maken. Dat zou perfect zijn!

Naast dat de was zo fijn ruikt als het buiten gedroogd is, is het ook nog eens goed voor je portemonnee én voor het milieu om geen droger te gebruiken/hebben. En omdat ik zo’n fan ben van volle waslijnen met gezellig wapperende kleding, vandaag een aantal tips om optimaal te genieten van je waslijn buiten 🙂

Groen het huishouden doen: de was buiten drogen.

– Op zo’n dunne lijn zie je er niets van, maar wanneer je er een vochtige doek over haalt, zie je meteen hoe vies zo’n waslijn wordt. Stof en pollen blijven er op liggen en die wil je liever niet in je kleding. Even schoonmaken voor je de was ophangt scheelt je nog een keer wassen 😉

– Heb je geen oneindige voorraad wasknijpers, maar wel veel wasgoed? Gebruik dan één knijper om de punten van twee kledingstukken vast te zetten. Wanneer je de was ook nog eens niet te breed uithangt, heb je genoeg ruimte om een flinke hoeveelheid te drogen. Het droogt zo wel iets minder snel. Dus heb je de ruimte, gebruik die dan ook en laat het lekker breeduit wapperen.

– Als je wasknijpers gebruikt, krijg je soms van die lelijke afdrukken in je kleding. Knijp de knijper daarom op de naden van het kledingstuk, dan valt het een stuk minder op.

– De zon heeft een blekende werking; leg maar eens iets in de vensterbank, het is binnen de kortste keren lichter van kleur. Die blekende werking is ideaal voor je witte kleding, die wordt er alleen maar witter van! Maar voor je gekleurde kleding is het minder leuk wanneer deze lichter wordt. Keer daarom alles binnenstebuiten. Dat scheelt ook meteen in de zichtbaarheid van de knijperafdrukken én de zakken van je spijkerbroeken drogen sneller.

– Schud de kleren voor je ze aan de lijn hangt goed uit. Als je net als ik huisdieren hebt, sla je zo meteen een deel van de haren eraf. Kleding helemaal haarvrij krijgen heb ik jaren geleden al opgegeven… Onbegonnen werk met drie harige monsters. Door het uitschudden krijgt de kleding ook zijn oorspronkelijke vorm sneller terug. Buiten in het zonnetje droogt het snel en het behoudt dan de vorm waarin het opgehangen is. Voor een perfectionist als ik is netjes ophangen een must. Ben je minder kritisch probeer hier dan toch aandacht aan te besteden, scheelt een strijkbeurt. Strijken doe ik trouwens nooit, hoe perfectionistisch ik ook ben. Ik vind het een onnodige en rottige klus. Ik heb laatst zelfs ons strijkijzer weggegeven via de Weggeefhoek 070 op Facebook. En in het tiny house kunnen we toch geen strijkijzer gebruiken.

– Iedereen heeft er vast zijn eigen methodes voor, maar dit is hoe ik onze kledingstukken ophang: spijkerbroeken hang ik op aan de pijpen, zodat de tailleband goed kan drogen. Shirts gaan ook op de kop, met dus de knijpers op de naden. Ik probeer grote dingen zo lang mogelijk op te hangen. Als je een dekbed precies met het midden op de lijn legt, droogt de binnenzijde minder snel. Jurkjes hang ik meestal ook op de kop, tenzij ik heel veel was heb en de ruimte beperkt is. Dan sla ik het taillegedeelte over de lijn. Overhemden van Gerbrand gaan ook op de kop. Ze nemen wel veel ruimte in op die manier, maar drogen supersnel.

– Voor mij vanzelfsprekend, maar ik zie aan de waslijnen van sommige van onze buren dat het niet voor iedereen normaal is: laat de was niet ’s nachts buiten hangen. Het wordt dan weer vochtig en het gaat er niet beter van ruiken… Laat ook je plastic wasmand niet buiten in de zon staan, daar wordt het plastic week van en dan gaat deze sneller kapot. Haal ook de knijpers van de lijn als de was droog is, anders worden ze vies en gaan ze snel kapot. Zonde!

Een heel artikel over de was buiten drogen, wie had dat gedacht 😉 Ik ben benieuwd of jij net zo enthousiast over buiten drogen bent als ik. Kom maar door met die volle waslijnfoto’s!

De Vijf: groene events in augustus en september

Ik krijg altijd een beetje last van FOMO, Fear of Missing Out, als ik alle toffe groene evenementen zie die georganiseerd worden. Er zijn er zóveel, ik zou mezelf in tientallen Natasja’s moeten splitsen om ze allemaal bij te kunnen wonen. Helaas lukt het me nog niet eens om mezelf één keer te klonen, dus zit er niets anders op dan keuzes te maken. Zit jij met hetzelfde dilemma? Misschien helpen deze vijf tips voor toffe groene events in augustus en september.

30 augustus – Future Flights Movie Night: Biodesign x Fashion (Rotterdam)
Ik baal er flink van, maar hier kan ik zelf niet bij zijn. Eerder schreef ik al over de mooie dingen die de ondernemers in BlueCity doen: zij houden zich bezig met circulair ondernemen en maken van bijzondere materialen die normaal weggegooid worden gave producten. Op woensdag 30 augustus kun je zelf een kijkje nemen in BlueCity door de Future Flights Movie Night bij te wonen. Het gaat dan over kleding: waarom fast fashion zo slecht is en wat biodesign hieraan kan veranderen:

“Fast fashion? Da’s net zo slecht als fast food. Al die 5 euro shirtjes en broekjes die na één of twee keer dragen achterin de kast en uiteindelijk op de vuilnisbelt belanden – zonde van de grondstoffen, de arbeid en de energie die bij het transport kwam kijken. Om nog maar te zwijgen van de (ecologische) kosten van het kweken van de katoen en het verven van de stoffen. Dat móet anders. Maar hoe? Tijdens de allereerste #FutureFlightsMovieNight legt captain en bio designer Emma van der Leest, van het BlueCity Lab, het haarfijn uit. Koop hier je tickets: bit.ly/2wypu03 en vlieg met ons mee naar de wereld van gele splijtzwam en bio design!”

Meer informatie over het event vind je hier: https://www.facebook.com/events/185491021987224/

7 september – Opening Tuin van BRET (Amsterdam)
Nog zo’n toffe plek die ondernemers bij elkaar gaat brengen: de Tuin van BRET in Amsterdam. Misschien heb je ze al zien staan vanuit de trein: naast station Sloterdijk staan een aantal hergebruikte zeecontainers, waarin de ondernemers zo duurzaam en circulair mogelijk aan de slag gaan. Het doel van de Tuin van BRET spreekt mij uiteraard aan:

“De Tuin van BRET is het voorbeeld van de nieuwe economie; niet gedreven door geld maar een passie om mooie, hoogwaardige en duurzame dingen te realiseren. Een inspiratie voor anderen waarmee ze laten zien dat iedereen zelf de wereld om zich heen kan veranderen.”

En wat er dan precies in die tuin komt? Dat wordt de eerste Amsterdamse stadswijngaard!

Op donderdag 7 september wordt de Tuin van BRET feestelijk geopend; met muziek, verhalen, kunst, een beetje spiritualiteit, lekker eten en drinken. Hier vind je meer informatie: https://www.facebook.com/events/197029707497658/

18 september tot 22 september – SusTasty (Utrecht)
Over lekker en duurzaam eten gesproken, van 18 tot 22 september moet je daarvoor in Utrecht zijn. Dan organiseert Green Office Utrecht (de duurzame community voor en door studenten van de Universiteit Utrecht) op haar campus een meerdaags festival waar je kunt genieten van duurzaam en lokaal eten. Wat je kunt verwachten?

“Vegan burgers van Rammenas – Roots Rock Kitschen en The Dutch Weed Burger, verfrissende smoothies van Shakes on Wheels, vers ijs van Gelato Burano, ambachtelijke patatjes van Tour de la Frite en verse maaltijdsoepen van YOSOUP.”

Maar alleen maar duurzame dingen eten zet niet genoeg zoden aan de dijk. Daarom kun je op het festival ook installaties, informatiestands en workshops vinden om in gesprek te gaan over voedselproductie, verpakkingen en voedselverspilling.

Meer informatie over SusTasty vind je hier: https://www.uu.nl/organisatie/green-office-utrecht/events/sustasty

21 september – Haagse Fietsparade voor het Klimaat 2017 (Den Haag)
Fietsen voor het klimaat, dat is het doel van de Haagse Fietsparade. Met zoveel mogelijk burgers en groepen willen Den Haag Fossielvrij en Fossielvrij NL de gemeente Den Haag aansporen om het beleid in lijn te brengen met het Parijs-akkoord: maximaal 1,5 graden Celcius opwarming. Dat kan de gemeente doen door te stoppen met activiteiten die de temperatuur alleen maar opjagen en door juist te gaan voor investeringen in duurzame projecten.
Beweging, actievoeren voor het klimaat én nieuwe mensen leren kennen: fiets je ook mee :)?

Meer informatie vind je hier: https://www.facebook.com/events/1463655056991293/

24 september – ACT. (Amsterdam)
Ik bankier onder andere bij ASN Bank en zij organiseren in samenwerking met Voor de Wereld van Morgen op zondag 24 september het gratis (ja, je leest het goed!) groene festival ACT. Ik laat hen zelf even vertellen wat je daar zoal kunt verwachten:

“Pioniers, experts en groentjes die nú bezig zijn met het klimaat van morgen; je ontdekt ze op ACT. Zie hoe Daan Roosegaarde de wereld verlicht met zijn technopoëzie, leer van klimaatexpert Jelmer Mommers van De Correspondent en ga op Amsterdamse stadssafari met een ecoloog. Tussendoor geniet je van muziek van Ntjam Rosie, drink je een biertje van regenwater, of verfris je jezelf met zongekoeld ijs.”

Dat duurzaam doen is zo nog helemaal niet zo vervelend, toch ;)?

Het festival is dus gratis, maar je moet wel van tevoren een kaartje aanvragen. Dat doe je hier: https://www.facebook.com/events/108302259840773/

Deze moet je lezen: Het Hedendaagse Heldenboek

Rachel van de Pol deed 365 goede daden en beschreef dat in Het Hedendaagse Heldenboek

Vorige week liep mijn proefabonnement van de bieb af. Omdat de bieb perfect past bij mijn ontspulpraktijken én streven om zo duurzaam mogelijk te leven, sloot ik een abonnement af. Bij de bibliotheek in Den Haag kun je kiezen uit verschillende passen. Ik heb de Kleine Pas genomen. Deze kost € 15,50 per jaar. Ik betaal dan wel per boek dat ik leen € 0,25 en voor elke reservering € 0,50. Met de Basispas van € 32,- leen en reserveer je boeken gratis, maar dan moest ik meer dan 66 boeken per jaar lezen om de extra kosten van deze pas eruit te kunnen halen. En zoveel krijg ik helaas niet weggelezen. Ik nam na het afsluiten van mijn abonnement meteen een boek mee dat al een tijdje op mijn te-lezen-lijst stond: Het Hedendaagse Heldenboek van Rachel van de Pol.

Rachel van de Pol kende ik al van haar geweldige website ikreddewereld.nl en ik vind haar initiatief geweldig! Rachel heeft in 2014 een jaar lang elke dag een goede daad gedaan. Van kleine dingen, zoals het zoeken van een milieuvriendelijke zonnebrand of het oprapen van zwerfies tot stiekem de ramen van de buren zemen, vluchtelingen computerles geven en een overnachting regelen voor een dakloze. Ze inspireerde met al haar kleine en grote goede daden vele andere mensen die hun heldendaad delen met de hashtag #ikreddewereld.

Het Hedendaagse Heldenboek - Rachel van de Pol

Al haar ervaringen, tips, trucs en een selectie van 103 heldendaden heeft Rachel gebundeld in ‘Het Hedendaagse Heldenboek’. Ik las het boek in een paar avonden uit en werd er erg vrolijk en geïnspireerd van. Rachel heeft een fijne, luchtige schrijfstijl met hier en daar een knipoog. Ze schrijft vanuit haar persoonlijke visie en daardoor is haar boodschap niet belerend, maar juist extra krachtig. In het eerste hoofdstuk laat ze zien wat haar redenen waren om te proberen de wereld een stukje beter te maken. Ze schrijft hoe ze vroeger als kind al probeerde om iets goeds te doen: als fanatieke WNF-ranger en als magneet voor mensen die wel wat extra hulp en aandacht konden gebruiken. Haar pogingen om het juiste te doen hadden niet altijd een positief resultaat, maar door de jaren heen leerde ze wat wel en juist niet werkte voor haar en haar omgeving. Van een aantal veranderingen in haar eigen leven leerde ze een heel waardevolle les:

“Ik kan mijn gedrag veranderen als ik me in een onderwerp verdiep en mezelf de vraag blijf stellen wat er voor mij toe doet. En wanneer ik mijn eigen gedrag verander, verandert dat van anderen in mijn omgeving ook, of ik nu wil of niet. Als ik met zo’n persoonlijk besluit de wereld om mij heen al kon veranderen, wat was er dan nog meer mogelijk?”

Door zichzelf deze vraag te stellen, kwam ze op het idee om 365 goede daden te doen, elke dag een nieuwe. Met haar boek motiveert ze de lezer om in te zien dat echt iedereen iets kan betekenen voor zijn of haar omgeving én dat goede daden niet stoppen bij degene die ze uitvoert.

“Ze echoën verder. Vanuit de sociale neurowetenschappen is onderzocht dat het in onze natuur zit elkaar te willen helpen.”

Openhartig deelt ze haar ervaringen tijdens dit heldenjaar waarbij ze meteen laat zien wat de voordelen én wat de valkuilen van een heldhaftig bestaan zijn. Dat levert grappige anekdotes en prachtige verhalen op. Rachel ontmoette heel veel verschillende mensen en werd erg blij van het helpen van anderen. En de mensen die ze kon helpen, waren uiteraard blij met haar. Ze schrijft echter ook eerlijk over de mindere kanten van deze uitdaging: hoe zwaar het was om echt elke dag iets nieuws te doen, ook als ze ziek of moe was of privéproblemen had. En hoe jammer ze het vond dat ze de mensen die ze ontmoette al zo snel weer uit het oog verloor, omdat ze zich alweer moest richten op de volgende heldendaad. Toch heeft ze het hele jaar volgemaakt en alle dagen iets betekend voor een ander. Geweldig vind ik dat!

Het boek sluit af met 100 (+3) heldendaden ter inspiratie. Van kleine tips die je vanuit je luie stoel kunt doen tot daden waarvoor je op pad moet en nieuwe mensen leert kennen. Ik raakte erg geïnspireerd door het boek, want ik doe graag aan random acts of kindness. Ik laat bijvoorbeeld regelmatig boeken achter in de trein, met een briefje erin, geef vreemden een complimentje of help mensen uit de brand wanneer ik zie dat ze hulp nodig hebben. Ik merk vaak dat mensen verbaasd zijn dat er ineens zoiets gebeurt en dat ze er heel blij van worden. En dat geeft zo’n fijn gevoel! Rachel heeft me met haar boek extra overtuigd dat je met een open blik door het leven moet gaan, zodat je oog hebt voor de behoeften van anderen. Daar wordt niet alleen de wereld een betere plek van, maar daar word je zelf ook gelukkiger en beter van! Zo’n win-win-situatie kun je toch niet weerstaan :)? Dus, wanneer schilder jij een S op een oud t-shirt en knoop je een cape om?

Mijn garderobe tiny-house-proof maken

Minimaliseren van mijn kledingkast om in het tiny house te passen

Ik zag er behoorlijk tegenop, maar nu we bezig zijn met The Minimalism Game ontkwam ik er niet meer aan: mijn garderobe onder handen nemen. Ik heb al een aantal keren mijn kledingkast uitgeruimd en heb al veel weggegeven en gedoneerd aan de kringloop en het Leger des Heils. Daardoor stond het idee van nóg een keer alles uitzoeken me erg tegen. Het zou allemaal toch heus wel passen in ons tiny house? Met een beetje passen en meten…?

Ik werd vorige week vrijdag uit die droom geholpen door Roy en Shirly. Zij wonen in een tiny house dat dezelfde afmetingen heeft als ons toekomstige huisje. Ik mocht een kijkje nemen in hun kledingkast (een paar vakken in hun trapkast) en besefte meteen: daar gaat mijn ‘collectie’ niet inpassen. Nu zullen wij net andere kastruimte hebben dan zij, maar dat betekent niet dat we deze volledig kunnen vullen met kleren. Bovendien zijn er talloze mensen die prima gekleed door het leven gaan met een fractie van het aantal kledingstukken dat ik heb. Ik kon er niet meer omheen: aan de bak!

Ik besloot dat ik eerst overzicht moest hebben. Want als ik aan mijn kleding dacht, had ik het idee dat ik veel te veel kleding had, maar dat elk item daarin wel écht nodig was. Zolang ik niet wist hoeveel ‘veel’ nu precies was, bleef het uitzoeken van de kast mentaal een te grote uitdaging. Ik haalde daarom alles uit de kast en legde het op ons bed. De katten vonden dat trouwens een feestje, die liepen er vrolijk doorheen. En bedankt, harige monsters… Vooral de kleding uit het hanggedeelte van mijn kast was een behoorlijke berg en de moed zakte me nog een beetje verder in de schoenen. Ik moet zeggen dat mijn humeur bij dit klusje ook niet optimaal was, Gerbrand kan dat beamen 😉 Maar goed, wie A zegt, moet ook B zeggen, dus met pen en papier bij de hand begon ik alle items te tellen. Alles, dus niet alleen de truien, vesten, broeken en jurken, maar ook mijn sportkleding, ondergoed en maillots. Alleen de sokken heb ik niet meegeteld, die dragen we namelijk samen en zijn dus niet exclusief van mij. De sokkenmand hebben we maanden geleden al aangepakt, want we bleken samen 60 paar te hebben…Daar zijn er nog zo’n vijftien paar van over.

Garderobe minimaliseren, ontspullen van kleding

Alles uit de kast op het bed. Slik…

Na een zorgvuldige telling en het wegjagen van katten, kwam ik uit op 131 items. In eerste instantie schrok ik daarvan: 131! Ik keek nog wat gedetailleerder naar mijn lijst, om te zien hoeveel stuks ik van elke soort heb:

2 outdoorbroeken
6 sportbh’s
6 maillots
6 panty’s
2 bikinitops
1 bikinibroekje
1 bikini-omslagdoek
3 bh’s
5 truien
5 spijkerbroeken (een donkergrijze, een lichtgrijze, een lichtblauwe en twee donkerblauwe)
7 rokjes (2 zwart, 2 blauw en 2 zwart-wit)
1 korte broek
3 nachthemden
1 slaapshirtje
2 leggings om in te slapen
1 hardloopbroek kort
2 fitnessbroeken
2 hardloopbroek lang
1 hardloopbroek ¾
2 hardloopshirts winter
3 hardloopshirts korte mouw
1 hardloophemdje
1 hardloopjasje
3 basic shirts met lange mouw
5 tops met lange of ¾ mouw
11 shirts met korte mouw
4 zwarte ondergoedhemdjes
8 hemdjes
2 blouses
10 vesten
4 jasjes (1 spijkerjasje, 2 nette jasjes, 1 grijs ‘zacht’ jasje)
10 jurken
10 onderbroeken

Vooral op vesten en jurkengebied scoorde ik ruim, terwijl ik op andere vlakken wel wat aanvulling kan gebruiken. Maar voordat ik over aanvulling na ga denken, was het eerst tijd om te ontspullen. Ik ben per soort gaan kijken welke items ik had en welke ik daarvan echt graag wilde houden. Daarna keek ik kritisch naar de kledingstukken die ik genomineerd had om mijn garderobe te verlaten. Ik merkte dat ik het heel lastig vond om sommige items los te laten. Omdat ik ze net gekocht had bijvoorbeeld en het zonde vond om ze alweer weg te doen. Zoals de tweedehands jurk die ik op deze recente Instagramfoto draag:

Minimaliseren kleding

Superleuke jurk, maar toch niet voor mij.

Ik heb hem nog niet gedragen en weet eigenlijk ook wel waarom: het is mijn stijl niet en ik voel me er niet prettig genoeg in. Ook het wegdoen van vesten bleek pittig, want daar had ik steeds het ‘maar deze is zo handig voor als…’-gevoel bij. Maar tien vesten, dat is tinyhousetechnisch niet te doen. Zo ging ik stap voor stap elke soort na. In de eerste kritische ronde viste ik 26 kledingstukken uit mijn garderobe die ik weg ga geven, ga verkopen of naar de kringloop ga brengen:

2 sportbh’s
1 panty (dat zet ruimtetechnisch geen zoden aan de dijk, maar is wel 1 item voor The Minimalism Game :))
1 maillot
2 shirts met korte mouw
2 tops met lange mouw
2 fitnessbroeken (ik doe niet meer aan fitness en als het nodig is, kan ik ook andere sporten in mijn hardloopbroeken doen)
2 rokjes (de zwarte rokjes zitten allebei net niet fijn genoeg)
3 truien (eentje van toen ik nog bijna 50 kilo meer woog en die ik als klustrui bewaard had, eentje die ik voor Gerbrand had gekocht en hem te klein was en die ik toen zelf maar droeg en een vaal exemplaar van de Hema)
3 vesten (wederom exemplaren die of te oud/afgedragen waren óf niet echt mijn stijl zijn)
5 jurken (allemaal exemplaren die net niet lekker meer zaten)
3 hemdjes (te wijd en te kort)

Ik had er al wat meer vertrouwen in gekregen en besloot nog een laatste blik op elk item te werpen. Spullen loslaten gaat echt in kleine stapjes, zelfs binnen een kort tijdsbestek. Doordat ik al wat moeilijke beslissingen gemaakt had, kon ik andere kledingstukken ook makkelijker loslaten. In de tweede ronde vond ik nog zes items die mijn kast niet meer in komen:

1 rokje (met een print die ik lastig te combineren vind)
1 slaapshirt (met lange mouwen, Gerbrand moet me maar warmhouden ;))
1 bh (ja, daar had ik er al te weinig van, maar deze zit eigenlijk voor geen meter)
1 shirtje met korte mouw
1 vest (en dat maakt dat ik vier vesten ontspulde!)
1 jasje (een licht spijkerjasje dat niet lekker zit en nergens echt goed bij past)

Hoppa, nog zes extra kledingstukken ontspuld! Dat brengt het totaal op 32 en er zijn dus 99 kledingstukken mijn kast weer ingegaan.

Kleren ontspullen

Deze stapel komt de kledingkast niet meer in.

Terwijl ik zat uit te puffen op mijn weer lege bed, las ik op mijn telefoon nog even hoe dat ook alweer zat met een capsule wardrobe. Want met mijn 99 items zou ik daar nog mijlenver vanaf zitten, dacht ik. Niets blijkt minder waar! In een capsule wardrobe worden niet álle items in je kast meegeteld. Niet je sportkleding, ondergoed of slaapkleding bijvoorbeeld. Ik streepte in mijn lijstje aan welke items mee zouden tellen in een capsule wardrobe en kwam tot de fijne conclusie dat ik maar 47 dingen heb die aan de ‘regels’ daarvan voldoen. Bij een capsule wardrobe mag je 33 items per 3 maanden in je kast hebben, terwijl ik er dus 47 voor het hele jaar heb. Zo bekeken heb ik al een heel minimalistische kast! Mijn humeur klaarde meteen nog wat extra op 🙂 Ok, ok, officieel horen schoenen daar ook bij en die heb ik nog niet aangepakt. Maar daarvan heb ik er ook geen tientallen…

Voor nu ben ik wel even klaar met mijn kleding. Ik laat het bij de items die ik nu heb en kijk tijdens de bouw van ons tiny house hoeveel we dan echt kwijt kunnen. Als blijkt dat er nog iets weg moet, dan gaat dat tegen die tijd vast makkelijker. Door dit hele proces heb ik ook gezien dat ik mijn kledingkast nog wel wat kan upgraden op bepaalde punten. Zo zou ik een goed basic rokje kunnen gebruiken en een goede, fijnzittende altijd-goed-jurk. Ook wat extra bh’s zijn geen overbodige luxe. Voor elk item dat ik nieuw koop, gaat er een oud item uit de kast, zodat ik niet weer meer verzamel. En wat ik koop, zal fair fashion of tweedehands zijn. Ik ben blij dat ik mijn kast aangepakt heb, terwijl ik er zo tegenop zag. Ik heb nu een goed gevoel over het aantal kledingstukken dat ik heb, in plaats van een schuldgevoel ‘dat het teveel is’. En dat is nog veel belangrijker dan het daadwerkelijke aantal!

Minimaliseren kleding

Het hanggedeelte van onze kast, met links mijn nu bescheiden collectie. Onderin links in de box: mijn bh’s, panty’s en maillots en onderin mijn sportkleding.

Ontspullen kleding, minimalisme

De rest van mijn kleding. Ook te overzien, toch?

Denkfout

Samen werken aan een groen leven

Ik ben erachter gekomen dat ik een denkfout maak. Een fout die invloed heeft op hoe ik tegen mijn activiteiten aankijk en de manier waarop ik mijn doelen bepaal. Door zo te denken, belemmer ik mezelf. Ik krijg er het gevoel van dat ik nooit genoeg kan doen, dat mijn activiteiten nauwelijks iets bijdragen en dat het dus geen zin heeft wat ik doe. En dat is geen goed gevoel om te hebben wanneer je bezig bent om als zzp’er aan de slag te gaan met duurzame projecten.

De fout die ik maak is mezelf steeds de vraag stellen met welk concreet project ik mensen kan motiveren om ook duurzamere keuzes te maken. Een tijdje terug deelde ik dat ook op Instagram: “ik zou zo graag meer impact willen hebben, meer doen dan alleen mijn eigen voetafdruk verkleinen. Dat is de reden dat ik op groenemanieren.nl schrijf en zelfstandig ondernemer ben geworden. Om tijd en energie vrij te maken voor groene projecten die meer mensen kunnen bereiken. Projecten die al die kleine druppels vangen en samenvoegen tot een flinke emmer water om op die gloeiende plaat te gooien. Want samen maken we zeker het verschil!” Ik denk dagelijks na over hoe ik mijn impact zou kunnen vergroten, wat ik kan doen om mensen in beweging te zetten en op welk gebied ik me wil focussen. Onder andere door het lezen van ‘Het hedendaagse heldenboek’ van Rachel van de Pol (een dikke aanrader trouwens!), het lezen van de Salt 70 (een lijst met 70 nationale en internationale inspirerende mensen die de wereld in beweging brengen) en het kijken van inspirerende YouTube-video’s (bijvoorbeeld die van Sanny Verhoeven en Jelle Derckx van Growthinkers) heb ik door waarom ik steeds vastloop in mijn denken over welke stappen ik zou kunnen ondernemen om impact te hebben.

Want ik maakte de fout te denken dat ik mensen direct zou kunnen veranderen. Dat ik een project zou kunnen opzetten dat in één klap een grote groep mensen zou bereiken en dat een deel daarvan meteen zo gemotiveerd zou raken dat ze instant stappen op groen gebied zouden zetten. Elk idee dat ik had, legde ik naast deze zeer onrealistische meetlat en al snel kwam ik tot de conclusie dat het een suf idee was. Ik dacht heus niet dat ik zo geweldig was dat ik in mijn eentje dé sleutel voor een prangend vraagstuk kon bedenken. Ik weet ook dat ik daar andere mensen, veel tijd, energie en vasthoudendheid voor nodig heb. Toch hoopte ik een voldoende goed idee te kunnen bedenken waarmee ik een groep mensen kon bereiken én kon aanzetten tot verandering. Want als ik iets doe, dan wil ik dat zo goed mogelijk doen. Mijn verwachting van wat ik kan doen was te hoog en dat leidde tot een onhaalbaar en demotiverend streven.

Ik ben zelf ook niet van de een op andere dag groener gaan leven. Ik was niet altijd bezig met minimalisme en een simpeler leven, integendeel zelfs! Ik zou mezelf vroeger een verzamelaar hebben genoemd en de hoarder in mij steekt ook nu nog af en toe de kop op. Ik zet stappen, maar struikel nog vaak genoeg. En de stappen die ik nu zet op het gebied van duurzaamheid, had ik een jaar geleden helemaal niet kunnen zetten. Ze zijn het resultaat van alle voorgaande stapjes en inzichten. Als ik weet hoe lastig het is om mijn gewoontes aan te passen, waarom verwacht ik dan wel dat andere mensen zomaar ineens een verandering doorvoeren? En wie ben ik om dat van hen te verwachten? Want wat ik ‘goed’ en ‘groen’ vind, is dat voor een ander misschien helemaal niet.

Mijn intenties zijn goed: ik wil graag bijdragen aan een gezondere wereld, voor mens en dier en daar mijn uiterste best voor doen. En in dat zinnetje ligt besloten waar ik me op moet focussen. Op mezelf. Deze quote van Rachel van de Pol uit ‘Het hedendaagse heldenboek’ kwam behoorlijk binnen toen ik hem gisteren las: “Een held weet dat om vertrouwen te krijgen in zijn eigen weg, hij niet hoeft aan te tonen dat een ander de verkeerde volgt.” Iedereen is vrij om zijn of haar eigen pad te volgen, ik ook. Ik kan maar één iemand direct veranderen en dat ben ikzelf. Dat is al lastig genoeg. Ik kan met mijn activiteiten en de projecten waarvoor ik me inzet wel laten zien welk effect dat heeft en hoe ik dat ervaar. Hopelijk inspireer ik daarmee anderen om ook stappen te zetten. Welke stappen dan ook, want zij kiezen wat past bij hun manier van leven. Het resultaat van mijn acties op andere mensen is oncontroleerbaar en dat is voor een onverbeterlijke perfectionist best lastig om te accepteren. Maar als ik dat niet doe, kom ik zelf ook helemaal nergens. Het zinnetje ‘een beter milieu begint bij jezelf’ klinkt altijd erg uitgekauwd en saai, maar het is zo waar. Doen wat ik kan, is wat ik moet doen.

De Vijf: vegetarische vleesvervangers die wij graag eten

De Vijf: vegetarische vleesvervangers

Ondanks dat we vroeger allebei dagelijks vlees aten, eten we nu we vegetariërs zijn niet bij elke maaltijd een vleesvervanger. Eiwitten, essentiële aminozuren en andere mineralen en vitaminen kun je namelijk ook binnenkrijgen door onder andere peulvruchten, noten en veel verschillende soorten groenten en fruit te eten. En met zoveel variatie in je eten mis je vlees helemaal niet en denken we vaak niet eens aan een vervanger. Maar bij sommige gerechten past een vegetarisch alternatief juist perfect. Ik zet onze favorieten op een rijtje!

Gerbrand en ik eten niet alleen vegetarisch, we letten er ook op dat de voedingsmiddelen die we eten zoveel mogelijk toegevoegd suikervrij zijn en het liefst ook zo min mogelijk ‘onherkenbare’ ingrediënten bevatten. Voor veel vleesvervangers geldt echter dat ze nogal wat ‘zooi’ bevatten. Teveel zout bijvoorbeeld. Of suiker waar dat niet nodig is. We letten dus op de ingrediënten bij het kopen van vleesvervangers. Kant-en-klare vegetarische producten blijven bewerkt voedsel, dus we genieten ervan, maar met mate 🙂

Groentepakket van Lekkernassûh

Groente blijft de basis!

Falafel Hot ‘n Spicy van Maza

Ingrediënten: kikkererwten 67%, jalapenopepers 8%, raapolie, tarwebloem, harissa (rode piment, koriander, karwij), spinazie, ui, courgette, peterselie, knoflook, conserveermiddelen: E200/E210, zout, koriander, peper, voedingszuur: citroenzuur.

We kochten altijd de gewone falafel van Maza, die prima is, totdat deze een keer uitverkocht was. De pittige ging mee in het mandje en bleek veel lekkerder te zijn! Deze staat nu dus standaard op tafel wanneer we falafel eten. In deze falafel zit geen toegevoegd suiker en het bevat ook geen waslijst aan onherkenbare ingrediënten. Er zit 1 gram zout per 100 gram in, dat valt ook mee. Volwassenen mogen per dag maximaal 6 gram zout, maar minder is altijd beter.

De falafel eten we met suikervrije volkoren pitabroodjes van de Ekoplaza. Daar zit alleen steengemalen volkoren tarwemeel, water, gist en zout in. We voegen er verse spinazie aan toe en gebakken tomaatjes, paprika en wortel met wat kaneel, koriander, komijn en chilipoeder. Wat kwark en hummus erover en klaar is ons broodje falafel! Natuurlijk kun je falafel ook heel gemakkelijk zelf maken en ook pitabroodjes maken is eenvoudig. En dat zou ook plastic afval schelen. Maar dit is een gerecht dat we eten wanneer we minder tijd hebben en dan is dit toch wel heel handig.

Spinazie-kaas rondo van Garden Gourmet 

Ingrediënten: spinazie (23%), rijst, vegetarische Gouda en Edam kaas (18%), paneermeel (tarwemeel, water, zout, koolzaadolie, gist, specerijen (paprika, kurkuma)), water, plantaardige oliën (koolzaad, zonnebloem in wisselende verhoudingen), tarwemeel, scharrelei-eiwitpoeder, basilicum, azijn, erwtenvezels, erwtenzetmeel, zout, maïszetmeel, gedroogde dille, zwarte peper.

We eten meestal één keer per week gebakken aardappeltjes (Gerbrand bakt de lekkerste!) en groente. Daar past een vegetarische burger bij, een nieuwerwets AGV’tje. We hebben een tijdje een voorkeur gehad voor de broccoliburger van SoFine, die we haalden bij de Jumbo. Wederom maakten we een switch naar een nieuwe favoriet toen deze burgers een keer op waren en we daarna bij de Albert Heijn waren voor wat andere boodschappen. De spinazie-kaas rondo van Garden Gourmet is superlekker! Heel smaakvol en goed vullend. Er zitten behoorlijk wat ingrediënten in, maar niets waar wij ons druk over maken.

Toch staat deze burger op de nominatie om vervangen te worden door een alternatief. We willen namelijk graag wat minder zuivelproducten eten en in deze burger zit kaas. Zelf vegetarische burgers maken is zeker een optie. Met peulvruchten, wat kruiden en iets van paneermeel komen we al een heel eind!

Vegetarische schnitzel van Gourmet Garden 

Ingrediënten: water, paneermeel (tarwemeel, water, zout, koolzaadolie, gist, specerijen (paprika, kurkuma)), soja-eiwit (9%), koolzaadolie, tarwe-eiwit (7%), scharrelei-eiwitpoeder, mayonaise (zonnebloemolie, azijn, scharrelei-eigeel, mosterd, gejodeerd zout, suiker), tarwebloem, gistextract, citroenvezel, tomaatconcentraat, specerijen, maïszetmeel, azijn, zout, knoflook.

Deze vleesvervanger ontdekte ik zo’n twee weken geleden, wederom bij de Albert Heijn in de schappen. Het is eigenlijk een niet zo gezonde optie voor bij de aardappeltjes, want er zit geen groente in en het is vooral water met tarwe en soja. Toch is dit ding heel lekker! Voor de fervente vleeseters zou deze schnitzel een goede optie zijn om eens een dagje vegetarisch te eten. De smaak en het mondgevoel komen behoorlijk overeen met een schnitzel van vlees, zo eentje uit de supermarkt dan. Deze schnitzel voldoet trouwens ook niet aan onze geen-toegevoegd-suiker-regel, want het bevat mayonaise met suiker. Maar de hoeveelheid suiker is daardoor laag en voor een keertje is dat geen probleem.

Woezel & Pip vegetarische sticks van Jumbo

Ingrediënten: water, paneermeel (tarwebloem, gist, zout, paprikapoeder), sojabonen 17,3%, zonnebloemolie, aardappelzetmeel, verstevigingsmiddel: E509, aroma, tarwebloem, verdikkingsmiddelen: E401 en E461, zout.

Deze sticks kwamen we op het spoor door een blog van Iris van Ikbenirisniet. De sticks zijn een vegetarische optie voor vissticks. Wederom een lekker hapje voor bij de aardappeltjes en groente dus. Ook deze sticks zijn niets anders dan water, tarwebloem en soja met wat kruiden, maar daar smaken ze niet minder om! En ja, ze hebben echt veel weg van vissticks. We aten deze sticks laatst nog terwijl mijn neefje Olivier (1,5) ook meeat. En ook bij hem gingen de vissticks erin als koek. Geschikt voor zowel kinderen als volwassenen dus 🙂

Kipstuckjes van de Vegetarische Slager

Ingrediënten: 88% soja structuur (water, soja-eiwit concentraat), uien-extract, zonnebloemolie, natuurlijke aroma’s.

Meestal eten we onze nasi zonder vleesvervanger. We doen er dan bijvoorbeeld een gebakken eitje bij of een handvol noten. Net zo lekker, gezond én budgetvriendelijk. Maar af en toe willen we graag ‘luxe’ nasi en dan halen we de kipstuckjes van de Vegetarische Slager. Die zijn bij veel supermarkten gewoon verkrijgbaar. De kipstuckjes snijden we nog wat kleiner en dan bakken we ze goed aan in olie totdat ze lekker goudbruin zijn. De structuur en smaak zijn perfect en bijna niet van echte kip te onderscheiden. Ik vind ze echt lekker door de nasi, maar we kopen ze maar af en toe. Zo houden we het lekker en het is beter voor onze portemonnee. Want ze zijn best prijzig.

Meestal eten we één keer of maximaal twee keer per week een vegetarische burger of falafel. De vleesvervangers blijven bewerkt voedsel, met behoorlijk wat ingrediënten en zout waar we prima zonder kunnen. Eet jij vleesvervangers? Welke is jouw favoriet? En wanneer je ze zelf maakt, welk recept is dan onovertroffen?

Update The Minimalism Game, 496 spullen de deur uit: hoe gaat het?

The Minimalism Game

Het is vandaag 15 augustus en dat betekent dat er vandaag weer 15 spullen ontspuld moeten worden. Sinds 1 augustus doen Gerbrand en ik The Minimalism Game. Dat werkt heel simpel: op dag 1 doe je één item weg, op dag 2 twee, op dag 3 drie, enzovoort. Het ‘spel’ duurt oorspronkelijk dertig dagen en aan het eind van die dertig dagen ben je 465 spullen lichter. Wij besloten er nog een extra dag aan te plakken, omdat augustus 31 dagen heeft en ach, je moet het jezelf niet te makkelijk maken toch? Hier moeten dus 496 spullen het veld ruimen. We zijn nu ongeveer op de helft, tijd voor een update.

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het is nu al lastig! We hebben nu 105 items uitgezocht die de deur uit gaan. Een deel heb ik afgelopen zaterdag naar de kringloop gebracht, een aantal spullen gaan naar mijn zusje en sommige dingen zijn bij het afval beland. Vandaag moeten er vijftien spullen op de foto en naar de kringloop/weggeefhoek in onze ‘kledingkamer’ (= gewoon een kleine slaapkamer waar onze kledingkast en stellingkast staan). Als je de foto’s op mijn Instagramaccount gevolgd hebt, kun je zien dat we telkens het hele huis afzoeken naar items die weg kunnen. Zo kwam er elektronica voorbij, oude keukenspullen, een tafeltje, kantoorartikelen en spullen uit de badkamer. Sommige dingen gebruikten we zelfs nog dagelijks, zoals het witte lampje op dag 12. Maar omdat we die dag een tafeltje uit de slaapkamer verplaatst hebben naar de woonkamer en het lampje alleen daar paste, hebben we besloten deze weg te doen.

Ontspullen tijdens The Minimalism Game

Gerbrand en ik betwijfelen allebei of we de eindstreep wel gaan halen: redden we het überhaupt wel om nog 391 spullen weg te doen? Kunnen we nog zoveel missen? We moeten nu al zo zoeken! De grote spullen (meubels) kunnen we nu nog niet weg doen, want dan leven we echt in een kaal huis. Maar zit er nog wel genoeg in onze kasten om het spel vol te houden? Ondanks de twijfel heb ik het gevoel dat we zeker een eind gaan komen. Want ons huis is echt nog niet ‘leeg’. En alles wat er nu staat, past niet in het tiny house.

Er zijn een aantal plekken waar de teller nog wel hard op kan lopen. Zo hebben we nog een volle Billy boekenkast, kunnen we onze kledingkast nog eens extra kritisch doornemen en hebben we een kastje met allerlei elektronica en random administratiespullen. Je weet wel: zo’n van-alles-en-nog-wat-kastje waar een heleboel dingen terechtkomen om daarna nog maar sporadisch het daglicht te zien. Ook hebben we een boodschappentas vol boodschappentassen én een plastic box vol linnen tasjes. Daarvan kunnen we er best een aantal missen. Ik wilde ze eigenlijk bewaren met als reden: ‘handig bij de verhuizing naar het tiny house’, maar dat was weer dat hoarderstemmetje die graag vasthoudt aan dingen.

Nog even terug naar die kledingkast, dat vind ik toch wel een dingetje hoor. Ik heb al in verschillende ronden heel veel kleding weggedaan. Datgene wat ik nu heb, draag ik regelmatig, op een paar items voor speciale gelegenheden na. Toch is onze kledingkast té gevuld voor het tiny house en zal ik toch echt moeten minimaliseren qua kledingstukken. Dat betekent accepteren dat kleding die ik nog leuk en prima vind toch echt weg moet. Ik ga eerst maar eens tellen hoeveel stuks ik van bepaalde items heb, dat zal hopelijk al wat meer overzicht en motivatie geven. Dat hielp heel goed bij onze sokkencollectie, daarvan bleken we namelijk 68 paar te hebben! Helaas hebben we die al een tijd geleden ontspuld en tellen die niet meer mee voor het spel. Nog 16 dagen en 391 spullen te gaan…

Onze groene bruiloft: muziek

Hoe luister je duurzaam naar muziek?

Nog een paar dagen en dan zitten we precies een jaar voor onze bruiloft. We zijn nog niet in volledige bruiloftplannings- en organisatiemodus, maar het krijgt allemaal al wel wat meer vorm in onze hoofden. Een spannend punt is en blijft het budget, onze absolute max is nu nog 5.000 euro, maar het ziet ernaar uit dat een veel lager bedrag realistischer is. We zijn namelijk ook druk bezig met de berekeningen van de kosten voor de bouw van ons tiny house en die krijgt voorrang op onze bruiloft. En zoals dat bij elk bouwproject gaat, moet je rekening houden met onverwachte kosten. Maar goed, dat is voor latere zorg! Voor nu kunnen we ons nog steeds fijn oriënteren op de keuzes die we kunnen maken. Zoals: wat doen we qua muziek?

Er zijn verschillende momenten waarop we muziek nodig hebben tijdens onze dag. Natuurlijk rondom en tijdens de ceremonie, wellicht als achtergrondbehang tijdens het diner en ’s avonds als we met onze familie en vrienden gaan feesten. De muziek tijdens onze ceremonie en het diner kunnen we waarschijnlijk het beste (en kostenefficiënt) regelen met een goede geluidsinstallatie. De locatie waar we onze bruiloft houden heeft groene stroom (100% windenergie), dus dat is heel fijn. Bij het nadenken over de muziek, vroeg ik me af hoe groen Spotify eigenlijk is. Want ik kan me zo voorstellen dat we voor de ceremonie en de achtergrondmuziek afspeellijsten aanmaken bij de dienst waar we al dagelijks gebruik van maken. Greenpeace blijkt al sinds 2009 onderzoek te doen naar de impact van digitale dienstverleners. Het blijkt dat de IT-sector verantwoordelijk is voor 7% van de totale wereldwijde electriciteitsconsumptie. Het is dus belangrijk dat grote spelers in deze branche, zoals Facebook, Google, Netflix en Spotify, energie uit hernieuwbare bronnen gebruiken om hun datacenters te voorzien van energie. En dat niet elk bedrijf dat al doet, verbaast me helaas niet. Zo is Netflix absoluut niet groen en ook Spotify scoort niet goed. Het streamen van muziek vergt veel dataverkeer en dus energie. Je kunt dat een beetje ondervangen door muziek offline op te slaan, zodat de liedjes niet steeds opnieuw naar jou gestuurd hoeven te worden. Maar de grootste verandering moeten deze bedrijven toch echt zelf maken.

Groene muziek: wat is duurzaam muziek luisteren?

Met ons kleine budget kunnen we voor de muziek ‘s avonds hoogstwaarschijnlijk geen dure dj, band of singer-songwriter inhuren. We zullen ook op dit vlak creatief moeten zijn. Misschien kunnen we een beginnend muzikant vinden, die niet zo prijzig is als de ‘oude rotten’ in het vak. Wellicht kennen mensen die wij kennen, mensen die een leuk deuntje kunnen spelen. En mocht het nou niet lukken om een live muzikant te vinden/in te huren, dan heb ik het idee om vooraf aan onze gasten te vragen welke muziek zij graag willen horen op het feest. Liedjes waarvan zij uit hun dak gaan, die hen vrolijk maakt of gewoon perfect is op een trouwfeest. Van al die liedjes (en onze eigen favorieten) kunnen we dan vooraf een (offline) Spotify-afspeellijst maken. We klikken op ‘shuffle’ en kunnen dan hopelijk de hele avond genieten van de leukste, gekste en mooiste nummers.

Er zijn trouwens artiesten die heel bewust bezig zijn met ‘groene’ muziek. Singer-songwriter Florian Wolff is daar het beste voorbeeld van. Gerbrand en ik zagen hem al een keer live, tijdens een event van Milieudefensie. Florian wil, volgens zijn bio, de wereld twee dingen nalaten: een enorme catalogus vol mooie liedjes en … niets. Hij streeft namelijk naar een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk, juist ook bij de muziek die hij maakt. Zo zette hij in 2010 The Green Tour op, met een podium dat zijn energie haalde uit zon, wind en het publiek. Dat klinkt echt heel tof! Ook zijn nieuwste album is zo groen mogelijk geproduceerd, onder andere met gerecycled papier en milieuvriendelijke inkt. En Florian is niet de enige artiest die zich via zijn muziek inzet voor het klimaat. Ook Roos Blufpand bijvoorbeeld heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan. Zij wil geheel CO2-neutraal worden en haar publiek inspireren om ook te verduurzamen. Haar album werd dus ook zo duurzaam mogelijk gemaakt en haar tourbusje rijdt op groen gas via Orange Gas.

Ik vond in mijn zoektocht naar groene muziek trouwens nog een inspirerende Spotifylijst met duurzame liedjes. Niet allemaal helemaal geschikt voor een bruiloft, maar wel leuk om eens op te zetten. Offline gedowload dan 🙂