Tag: duurzaamheid

Denkfout

Samen werken aan een groen leven

Ik ben erachter gekomen dat ik een denkfout maak. Een fout die invloed heeft op hoe ik tegen mijn activiteiten aankijk en de manier waarop ik mijn doelen bepaal. Door zo te denken, belemmer ik mezelf. Ik krijg er het gevoel van dat ik nooit genoeg kan doen, dat mijn activiteiten nauwelijks iets bijdragen en dat het dus geen zin heeft wat ik doe. En dat is geen goed gevoel om te hebben wanneer je bezig bent om als zzp’er aan de slag te gaan met duurzame projecten.

De fout die ik maak is mezelf steeds de vraag stellen met welk concreet project ik mensen kan motiveren om ook duurzamere keuzes te maken. Een tijdje terug deelde ik dat ook op Instagram: “ik zou zo graag meer impact willen hebben, meer doen dan alleen mijn eigen voetafdruk verkleinen. Dat is de reden dat ik op groenemanieren.nl schrijf en zelfstandig ondernemer ben geworden. Om tijd en energie vrij te maken voor groene projecten die meer mensen kunnen bereiken. Projecten die al die kleine druppels vangen en samenvoegen tot een flinke emmer water om op die gloeiende plaat te gooien. Want samen maken we zeker het verschil!” Ik denk dagelijks na over hoe ik mijn impact zou kunnen vergroten, wat ik kan doen om mensen in beweging te zetten en op welk gebied ik me wil focussen. Onder andere door het lezen van ‘Het hedendaagse heldenboek’ van Rachel van de Pol (een dikke aanrader trouwens!), het lezen van de Salt 70 (een lijst met 70 nationale en internationale inspirerende mensen die de wereld in beweging brengen) en het kijken van inspirerende YouTube-video’s (bijvoorbeeld die van Sanny Verhoeven en Jelle Derckx van Growthinkers) heb ik door waarom ik steeds vastloop in mijn denken over welke stappen ik zou kunnen ondernemen om impact te hebben.

Want ik maakte de fout te denken dat ik mensen direct zou kunnen veranderen. Dat ik een project zou kunnen opzetten dat in één klap een grote groep mensen zou bereiken en dat een deel daarvan meteen zo gemotiveerd zou raken dat ze instant stappen op groen gebied zouden zetten. Elk idee dat ik had, legde ik naast deze zeer onrealistische meetlat en al snel kwam ik tot de conclusie dat het een suf idee was. Ik dacht heus niet dat ik zo geweldig was dat ik in mijn eentje dé sleutel voor een prangend vraagstuk kon bedenken. Ik weet ook dat ik daar andere mensen, veel tijd, energie en vasthoudendheid voor nodig heb. Toch hoopte ik een voldoende goed idee te kunnen bedenken waarmee ik een groep mensen kon bereiken én kon aanzetten tot verandering. Want als ik iets doe, dan wil ik dat zo goed mogelijk doen. Mijn verwachting van wat ik kan doen was te hoog en dat leidde tot een onhaalbaar en demotiverend streven.

Ik ben zelf ook niet van de een op andere dag groener gaan leven. Ik was niet altijd bezig met minimalisme en een simpeler leven, integendeel zelfs! Ik zou mezelf vroeger een verzamelaar hebben genoemd en de hoarder in mij steekt ook nu nog af en toe de kop op. Ik zet stappen, maar struikel nog vaak genoeg. En de stappen die ik nu zet op het gebied van duurzaamheid, had ik een jaar geleden helemaal niet kunnen zetten. Ze zijn het resultaat van alle voorgaande stapjes en inzichten. Als ik weet hoe lastig het is om mijn gewoontes aan te passen, waarom verwacht ik dan wel dat andere mensen zomaar ineens een verandering doorvoeren? En wie ben ik om dat van hen te verwachten? Want wat ik ‘goed’ en ‘groen’ vind, is dat voor een ander misschien helemaal niet.

Mijn intenties zijn goed: ik wil graag bijdragen aan een gezondere wereld, voor mens en dier en daar mijn uiterste best voor doen. En in dat zinnetje ligt besloten waar ik me op moet focussen. Op mezelf. Deze quote van Rachel van de Pol uit ‘Het hedendaagse heldenboek’ kwam behoorlijk binnen toen ik hem gisteren las: “Een held weet dat om vertrouwen te krijgen in zijn eigen weg, hij niet hoeft aan te tonen dat een ander de verkeerde volgt.” Iedereen is vrij om zijn of haar eigen pad te volgen, ik ook. Ik kan maar één iemand direct veranderen en dat ben ikzelf. Dat is al lastig genoeg. Ik kan met mijn activiteiten en de projecten waarvoor ik me inzet wel laten zien welk effect dat heeft en hoe ik dat ervaar. Hopelijk inspireer ik daarmee anderen om ook stappen te zetten. Welke stappen dan ook, want zij kiezen wat past bij hun manier van leven. Het resultaat van mijn acties op andere mensen is oncontroleerbaar en dat is voor een onverbeterlijke perfectionist best lastig om te accepteren. Maar als ik dat niet doe, kom ik zelf ook helemaal nergens. Het zinnetje ‘een beter milieu begint bij jezelf’ klinkt altijd erg uitgekauwd en saai, maar het is zo waar. Doen wat ik kan, is wat ik moet doen.

Samen groener doen

Samen werken aan een groen leven

Veel mensen die hier komen lezen, doen hun best om groen te leven en dat vind ik super! Een groen leven: dat betekent voor iedereen iets anders. Sommigen proberen zo zero waste mogelijk te leven, anderen besparen flink op hun energie en hebben bijvoorbeeld geen auto. Je kunt de nadruk leggen op het kopen van alleen fair fashion of zoveel mogelijk biologisch eten. Misschien ben je wel vegetariër of veganist. Je doet hoe dan ook je best om bewuste en duurzame keuzes te maken. Voor mij geldt hetzelfde: ik doe mijn best om mijn ecologische voetafdruk steeds verder te verkleinen. Soms zet ik daarin grote stappen, door bijvoorbeeld vegetariër te worden en straks in een off-grid tiny house te gaan wonen en soms zijn de stapjes een stuk kleiner, op zero-waste-gebied bijvoorbeeld.

Ik denk er vaak over na welke invloed mijn acties hebben. Soms heb ik het gevoel dat wat wij doen toch geen zin zal hebben. Die paar liter water die we per dag besparen door het op te vangen tijdens het douchen of het wassen van groente, die paar plastic verpakkingen die we bewust vermijden of die spullen die we niet kopen: wereldwijd gezien is het amper een druppel op de gloeiende plaat te noemen. En zal het zoveel verschil maken dat wij geen vlees meer eten als de consumptie in andere landen alleen maar toeneemt? Ik roep mezelf al snel tot de orde als ik zulke gedachten heb, want als iedereen zou denken dat zijn of haar acties geen verschil maken, dan zal er zeker niets veranderen. Niets doen is geen optie, dus ik ga vrolijk door om mijn manieren steeds groener te maken.

Samen werken aan een duurzame samenleving

Een ander punt waar ik veel mee bezig ben, is hoe ik en jij, de groene lezer aan de andere kant van het scherm, anderen kunnen stimuleren of tenminste kunnen interesseren om op hun manier groener te leven. Want ook al zijn veel mensen supergoed bezig met een bewust en duurzaam leven, er zijn er minstens net zoveel die daar (nu nog) niets om geven. Voor wie een groen leven vooral een negatief hippie-geitenwollensokken-doe-maar-normaal-dan-doe-je-al-gek-genoeg-imago heeft. Mensen voor wie het misschien al lastig genoeg is om de eindjes aan het einde van de maand aan elkaar te knopen, laat staan dat ze zich dan ook nog druk gaan maken om een groen leven. Of mensen voor wie het allemaal een ver-van-hun-bed-show is en die gewoon niet weten waar ze zouden moeten beginnen. Jij kent er misschien ook genoeg in jouw omgeving. Ze zijn niet expres niet-groen, het is gewoon iets dat niet in hun systeem zit.

Ik begrijp ze wel, want ook ik ben niet als minimalistische vegetariër met een tinyhousewens geboren. Ook ik moest eerst bewust worden van de impact die wij mensen op onze planeet hebben en daarna inzien dat ik daar ook een steentje aan bijdraag. Dat de manier van leven die ik normaal vond, helemaal niet zo normaal is. Dat genoeg genoeg is en dat een groen leven niet betekent dat je niet meer comfortabel kunt leven. En ik leer elke dag bij, door alles wat ik lees en zie. Ik maak fouten, val soms weer terug in oude gewoonten, baal af en toe flink dat ik niet álles nu meteen kan veranderen en merk soms dat ik in een groene bubbel leef en dat mijn manier van leven buiten deze bubbel niet altijd logisch is voor anderen.

Ik zou zo graag veel meer impact willen hebben, meer doen dan alleen mijn eigen voetafdruk verkleinen. Dat is de reden dat ik hier op groenemanieren.nl schrijf en zelfstandig ondernemer ben geworden. Om tijd en energie vrij te maken voor groene projecten die grotere groepen mensen kunnen bereiken. Projecten die al die kleine druppels vangen en samenvoegen tot een flinke emmer water om op die gloeiende plaat te gooien. Achter de schermen ben ik hier druk mee bezig: ik onderzoek op welke gebieden ik waarde kan toevoegen met de ervaring die ik heb en probeer uit te vinden waar behoefte is aan mijn energie en tijd. Het is een spannende reis met een nog onbekend ‘eindpunt’, maar eentje die ik met hart en ziel maak.

Maar misschien kan ik ook hier al wat meer impact hebben dan alleen het schrijven van artikelen over mijn eigen stappen. Ik weet hoe lastig ik het zelf soms vind om een goede, groene keuze te maken en denk dat jij misschien vaak in hetzelfde schuitje zit. Wellicht baal jij ook zo van die zak met plastic afval die elke week toch weer vol zit. Of worstel jij soms ook met het kiezen tussen de betaalbare optie of de duurdere groene optie. Laten we het dan samen aanpakken! Vertel me jouw uitdagingen, alledaagse problemen en moeilijke momenten. Deel met mij jouw groene successen en slimme tips en inspireer mij om een nieuwe stap te zetten. Ik duik in wat jij met me deelt en zal erover schrijven op deze site. Zodat jouw stappen én die van mij én die van andere lezers, samen nét iets meer impact kunnen hebben.

Doe je mee?

Kleine stappen: niet zo spannend, wel effectief!

Afgelopen dinsdag mocht ik in het programma Spitsuur op BNR Nieuwsradio vertellen over mijn groene manieren. Het was de bedoeling dat ik in de studio zou zitten om in gesprek te gaan met presentatoren Roos Abelman en Thomas van Groningen, maar helaas gooide de NS roet in het eten. Er reden geen treinen naar Amsterdam 🙁 Dus werd het een telefonisch interview. Ik was blij dat ik alsnog mijn bijdrage kon leveren aan het weekthema van het programma: klimaatneutraal leven.

Roos en Thomas gingen deze week de uitdaging én de strijd aan om duurzamer te leven. Van Klimaatbureau Hier kregen ze een lijst met acties die ze konden uitvoeren om ‘groene punten’ te scoren. Zo konden er 500 punten gescoord worden door een waterbesparende douchekop aan te schaffen, leverde geen vlees eten 100 punten per dag op en het ontdooien van de vriezer was goed voor 250 punten. Vlak voor mijn gesprek en dus op dag twee van de wedstrijd bekenden zowel Roos als Thomas dat het zetten van groene stappen lastiger was dan gedacht. Roos was toch met de auto naar de studio gekomen én had haar bandenspanning niet kunnen controleren omdat ‘het goede opzetstukje bleek te ontbreken’ en Thomas had de avond van tevoren wel vlees gegeten ‘omdat zijn vriendin al gekookt had’.

Het is ook niet gemakkelijk om ‘even’ groener te gaan leven. Vier dagen (vanavond wordt duidelijk wie van de twee de meeste punten heeft gescoord) is ook te kort om een echte verandering in gang te zetten. Maar een lijst met mogelijke verbeterpunten zoals die van Klimaatbureau Hier kan wel een goede manier zijn om de eerste stappen naar een groenere levensstijl te zetten. Want waar begin je, als je groener wilt leven? Ga je ontspullen? Wil je zero waste gaan leven? Pas je je voeding aan? Of gooi je je badkamerkastje overhoop, omdat de verzorgingsproducten die je altijd gebruikt microplastics blijken te bevatten? En dat leuke shirtje waar je vanmiddag mee in je handen stond in de H&M kan eigenlijk ook niet meer, toch?

Als er teveel keuzes zijn en er binnen die keuzes ook nog afwegingen gemaakt moeten worden, wordt het voor een grote groep mensen al snel te lastig. En dan maken mensen soms zelfs helemaal geen keuze óf juist de verkeerde keuze. Volgens hoogleraar Rob van Tulder van de Erasmus Universiteit komt dat, omdat we (ik vraag me dan altijd af wie ‘we’ zijn) lijden aan ‘infobesitas’. Er zijn simpelweg te veel mogelijkheden om groener te leven. Dus waar begin je dan? En wat is de juiste keuze? Hou je de mate van CO2-uitstoot in het oog of wil je ook rekening houden met mensenrechten? Kies je voor lokaal of steun je juist een duurzaam initiatief in het buitenland?

Kleine stappen zetten is efficiënter en duurzamer. Zo verander je langzaam en blijvend.

Door helemaal geen keuze te maken, weet je in elk geval zeker dat er niets ten goede gaat veranderen. Dat is geen optie. Ik ben het dan ook roerend eens met Rob van Tulder: het is belangrijk om te denken in kleine stapjes. Zo voorkom je een hoop stress en wordt de kans dat een verandering blijvend is groter. Ik merk dat zelf ook heel sterk: ik wil nogal eens té enthousiast zijn en wil meteen alles aanpakken. We kunnen toch best én ons hele hebben en houden ontspullen, op zoek gaan naar zero-waste-mogelijkheden in Den Haag, veel minder water gebruiken én veganistisch gaan eten? Eh, nee dus. Zodra je over teveel dingen na moet denken, gaat het mis. Er is gewoon niet genoeg energie beschikbaar om het allemaal in één keer te veranderen. Kleine stappen zetten, dat werkt het beste. Hoe onbelangrijk zo’n kleine stap op dat moment ook lijkt (die druppel op de welbekende gloeiplaat), zo’n stap maakt de weg vrij voor nog veel meer andere kleine stappen. En ‘opeens’ leef je dan toch een heel stuk groener!

Dus: welke kleine stap zet jij vandaag?

Wil je het interview met mij terugluisteren, klik dan hier! Scroll even door naar 2:29:00.

‘Zo doe ik dat gewoon’: wanneer gewoon ineens niet meer zo logisch is

Waarom gewoonten niet altijd logisch zijn.

Mijn dagen zijn gevuld met allerlei handelingen die ik al jaren uit gewoonte doe. Dat ene kopje koffie bij het ontbijt, dagcrème op mijn gezicht smeren, de manier waarop ik mijn fietsslot onder mijn zadel bind, de plek waar ik mijn sleutels neergooi als ik thuiskom, hoe ik een paprika snij en de manier waarop ik mijn kussen opklop voor ik ga slapen. Om er maar een paar te noemen. Over de meeste handelingen hoef ik niet na te denken, die gaan automatisch. Gelukkig maar, want anders zou elke dag een stuk meer energie kosten. Veel routines zijn nuttig: ze zorgen ervoor dat je handige basishandelingen verricht zonder al te veel moeite. Maar niet elke gewoonte is even logisch, als je er over na gaat denken.

Ik ben al geruime tijd bewust bezig met het aanpassen van mijn levensstijl, op allerlei gebieden. En wanneer je verandert, dan word je je bewust van gewoonten die ineens zo gewoon niet meer zijn. De grootste verandering begon, heel cliché, rond mijn dertigste. Ik raakte in een dipje en ging aan de slag om me weer fijn in mijn vel te voelen. Ik ging meer bewegen en nam mijn voedingspatroon onder de loep. Wat je in je mond stopt, is voor een groot deel ook maar net wat je gewend bent. Ik was een vleeseter, want dat aten we thuis ook elke dag. Ik lette niet bewust op de ingrediënten, want ik at ‘gewoon’ wat er in de supermarkt aangeboden werd. Maar door me daarvan wél bewust te worden, veranderde ik stap voor stap wat ik at. Elke gewoonte die ik veranderde, leidde tot het veranderen van weer een andere gewoonte, het werd een logisch pad. Door mijn keuze om zo min mogelijk toegevoegd suiker te eten bijvoorbeeld, ging ik van brood als lunch naar salades vol groente en van vleeseter naar vegetariër.

Ik pakte niet alleen mijn lijf aan, ook mijn hoofd kon wel wat verandering en vooral rust gebruiken. Ik begon de spullen in mijn huis met andere ogen te bekijken. Al die volle kasten, al die dingen die stof stonden te verzamelen en alles wat ik nog steeds dacht nodig te hebben: het was een gewoonte om te kopen waar ik ‘behoefte’ aan had en het was dus ‘logisch’ dat ik ‘gewoon’ meer opbergruimte nodig had. Dat het ook anders kon, daar kwam ik na veel opruimronden achter. Ik had niet méér nodig, maar minder. Minder bezitten én minder aanschaffen, dat zorgt voor rust.

Over veranderen en gewoonten

Naast de Reus van Rotterdam, die 2.37 meter lang was. Ik voel me klein!

Elke gewoonte die ik veranderde, werd vervangen door een nieuwe gewoonte. Dat is niet gemakkelijk. Het kost namelijk energie om iets anders te doen dan je gewend bent. Je moet er over nadenken, het kost meer tijd, kortom: het kost moeite. Onze hersenen vinden dat niet zo gezellig, zij besteden het liefst zo min mogelijk energie aan een taak. En als het lastig wordt, haken ze al helemaal snel af. Allemaal energieverspilling, het moet efficiënter! Het liefst willen ze dat je weer teruggaat naar je oude gewoonte, de routine die al geprogrammeerd staat en die hen nauwelijks energie kost. Daarom is het zo lastig om gewoonten te doorbreken: het ongemakkelijke gevoel kan ervoor zorgen dat je toch maar weer doet wat je altijd al deed.

Om groener te leven bekijk ik mijn gewoonten opnieuw kritisch. Elke dag douchen, dat hoeft eigenlijk niet. Elke ochtend ontbijten met yoghurt én kwark kan ook best anders. Het gas uitzetten als de rijst al aan de kook gebracht is, mijn kleding niet zomaar meer ergens kopen: hoe meer stappen ik zet op het gebied van duurzaamheid en hoe meer ik erover lees, hoe meer ik me realiseer welke gewoonten helemaal niet zo logisch zijn.

Stap voor stap pak ik ze aan, op een manier die bij mij past. Natuurlijk, er zijn altijd mensen die groener zijn dan ik. Iedereen begint op een ander punt en elk pad is anders. Dat maakt mijn keuzes niet slechter of beter dan die van een ander. Ook is het lastig om niet te snel te willen: het liefst is morgen alles anders! Maar dat kan niet. Nieuwe gewoonten aanleren kost tijd én moeite. Bovendien zijn niet alle gewenste veranderingen nu al zichtbaar. Ik leer door het gewoon te doen 🙂

Groene Manieren was erbij: Nationale Dag voor Duurzaamheid in het Hoger Onderwijs

Het was al erg licht toen ik wakker werd, afgelopen vrijdag 19 mei. Té licht, want de wekker die om 5.45 uur af zou gaan, had ik nog niet eens gehoord. Ik checkte mijn mobiele telefoon en schrok: 7.35 uur! ‘We hebben ons verslapen!’ gilde ik tegen mijn vriend terwijl ik naar de badkamer racete. Ik had om deze tijd de deur uit moeten gaan, op weg naar de Nationale Dag voor Duurzaamheid in het Hoger Onderwijs in Amsterdam. Gelukkig plan ik altijd wat speling in, voor onvoorziene zaken. Zoals het niet afgaan van de wekker… In een kwartiertje stond ik aangekleed en wel buiten en kon ik één trein later nemen. Ik was gelukkig nog mooi op tijd bij de Vrije Universiteit in Amsterdam, waar het congres gehouden werd.

De keynotespreker in de ochtend maakte meteen grote indruk op mij. Thiëmo Heilbron van Fawaka Nederland vertelde over zijn missie: werken aan duurzaamheid én diversiteit, omdat het verhaal pas echt aanslaat wanneer je jezelf in degene die het vertelt kunt herkennen. Hij heeft daarom Fawaka Nederland opgericht, die “kinderen en jongeren van alle etnische achtergronden en opleidingsniveaus [wil] inspireren tot bewust handelen door hen te betrekken bij de maatschappelijke én groene uitdagingen van deze tijd.” Ze zetten jonge, inspirerende rolmodellen met diverse afkomst en achtergrond tot 30 jaar in de schijnwerpers en laten zo zien dat duurzaamheid ons allemaal aangaat. Thiëmo vertelde zijn verhaal rustig en professioneel en demonstreerde meteen dat hij niet voor niets in de Duurzame Jonge 100 van Trouw staat.

‘s Ochtends volgde ik twee sessies: een wat theoretische sessie over ‘Competenties voor Duurzame Ontwikkeling: Definiëren, Integreren en Operationaliseren’ waarbij niet alleen de bankjes en de collegezaal me het gevoel gaven weer terug op de universiteit te zijn en een sessie over Green Offices. Die was een heel stuk praktischer en inspirerend van aard: diverse studenten vertelden over hun werkzaamheden voor de verschillende Green Offices die actief zijn binnen universiteiten en hogescholen. Vroeger, toen ik nog studeerde (oma vertelt…) hoorde ik tijdens mijn opleiding helemaal niets over duurzaamheid. Heel vreemd eigenlijk en daarom was ik blij te horen dat er sinds een jaar of vijf Green Offices opgericht worden. Een Green Office zet zich in om universiteiten en hogescholen te verduurzamen. Het wordt gerund door studenten die zo meteen waardevolle ervaring en kennis op doen. Superinitiatief!

Na het ochtendprogramma was het tijd voor de lunch. Natuurlijk was deze vegetarisch/veganistisch, op een duurzaam event kun je niet met vlees aan komen zetten. Tijdens deze wat langere pauze was er ook genoeg gelegenheid om kennis te maken met andere bezoekers. Ik kwam in contact met een aantal hele leuke mensen waar het goed mee klikte. Zij hadden elk hun eigen reden om naar deze dag te komen: zo sprak ik een VU-studente die zelf zo groen mogelijk probeert te leven en niet schroomt om haar vrienden te motiveren dat ook te doen, ik ontmoette iemand die ik online al kende, maar nog nooit gesproken had en ik had een enthousiast gesprek over tiny houses met een PhD Candidate van de UvA.

Met de studente van de VU ging ik na de lunch naar de sessie over het boekje ‘Nog groener! Duurzaam door je studententijd’, geschreven door Roos van Rijswijk. Dit boekje wordt eind augustus van dit jaar officieel gelanceerd, maar de bezoekers van de NDDHO kregen nu al een exemplaar. Het is een praktisch boekje met veel tips en informatie gericht op studenten om hen te motiveren hun studentenleven iets duurzamer te maken. Naast veel tips staan er ook drie columns van Roos van Rijswijk in en interviews met Jan Terlouw, Yagmur MasMas (21, oprichter aGreenStory, een webwinkel met duurzame schoolspullen) en Toon Maassen (25, eigenaar duurzaam café De Ceuvel in Amsterdam). Ik heb het in de trein terug naar Den Haag gelezen: het leest lekker weg en de makers proberen de lezer op een ontspannen manier te informeren over waarom een groener leven noodzakelijk is én helemaal niet zo ingewikkeld hoeft te zijn. Goed initiatief, ik hoop dat het boekje veel studenten zal bereiken!

Na de middagsessie verzamelden alle bezoekers zich weer in het Auditorium om te luisteren naar de keynote van oud-minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Jacqueline Cramer die nog maar eens goed duidelijk maakte dat het nodig is om nú te handelen, wat de kansen en bedreigingen zijn voor een circulaire economie én hoe ICT hierin een rol kan spelen. Ook werd in de middag de SustainaBul uitgereikt. De SustainaBul is de ranglijst van Nederlandse universiteiten en hogescholen op het gebied van duurzaamheid en is een initiatief van Studenten voor Morgen. De Wageningen University ging er dit jaar met de Gouden Bul vandoor.

Tijdens het middagprogramma kwam ik nog even in gesprek met een meneer van de Software Improvement Group (SIG). Hij vertelde me dat zij zich inzetten om software te vergroenen: door code zo ‘schoon’ mogelijk te schrijven en algoritmes efficiënt te bouwen, kun je energie besparen. Programma’s hoeven dan minder hard te werken en dat scheelt energie, warmte en extra koeling. Zij doen dit nu voor bijvoorbeeld mijnoverheid.nl en DigiD; grote platformen waar zeker duurzame winst te behalen valt. Ik vond het interessant om te horen, want ik had er nooit zo bij stilgestaan dat het programmeren van software energietechnisch zoveel kan schelen.

Ik hapte na al deze informatie nog wat paprika met dipsaus en wat falafel weg tijdens de borrel en stapte met een hoofd vol nieuwe informatie weer in de trein naar Den Haag. Dankzij Danique Aaftink van De Reizende Vegetariër, die in de organisatie van dit congres zat, wist ik van het bestaan van deze dag af. Jammer genoeg had ze het te druk met het in goede banen leiden van de dag en heb ik haar niet even live kunnen spreken. Maar ik ben blij dat ik aanwezig mocht zijn op deze voor mij zeer leerzame dag. Bedankt voor de tip, Danique!

Waarom wij in een tiny house gaan wonen

Het is sinds kort echt écht aan het worden: we werken samen met een architect om ons tiny house te laten ontwerpen en zijn ons al aan het oriënteren op aannemersbedrijven die het voor ons zouden kunnen gaan bouwen. Als alles goed gaat, beginnen we nog dit jaar met de bouw van ons mini-paleisje en kunnen we er hopelijk in de lente van 2018 in gaan wonen. Maar waarom willen we eigenlijk in zo’n klein huisje gaan wonen?

Ik ben al een aantal jaren bezig met ontspullen en opruimen. Dit werd in eerste instantie aangewakkerd door een flinke dip waar ik rond mijn dertigste in terechtkwam. Ik merkte dat het opruimen van overbodige spullen en (toen nog) rommel me hielp om meer rust in mijn hoofd te krijgen. Samen met een flinke verandering in mijn levensstijl (anders eten en meer bewegen) kwam ik uit de dip en voelde me lichamelijk en geestelijk weer fit. Ik ontmoette de liefde van mijn leven, ging samenwonen, verhuizen en maakte steeds bij elke stap korte metten met een hele hoop spullen. Doordat ik veel las over minimalistisch leven, zag ik ook vaak de prachtigste tiny houses voorbij komen. Mooie, houten huisjes met een efficiënte én Pinterestwaardige inrichting die er knus en rustgevend uitzagen. Ik ging me verdiepen in de filosofie achter tiny housing en deze bleek perfect aan te sluiten op de wensen die ik heb: een duurzamer en groener leven in een huis met een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk. Een gewoon huis kopen heeft me altijd al de kriebels bezorgd en dan niet de goede soort. Als ik al ooit een huis zou bezitten, dan zou dat een zo duurzaam en energiezuinig mogelijk stekje moeten zijn. Maar de kosten voor zo’n woning zijn schrikbarend en ik wil juist een vrijer leven: minder afhankelijk zijn van vaste lasten zodat er meer ruimte is om mijn leven in te richten zoals dat voor mij goed voelt.

Bij Marjolein in het klein op bezoek 🙂

Natuurlijk praatte ik hier veel met Gerbrand over en ook hij raakte enorm enthousiast over het idee om in een huisje van maximaal 24 vierkante meter te gaan leven. Vanaf dat moment zijn we samen aan de slag gegaan om deze droom werkelijkheid te laten worden. Omdat leven in een tiny house meer is dan alleen maar heel klein gaan wonen en we voor heel wat uitdagingen komen te staan, besloten we onze ervaringen bij te houden op een blog: www.vangrootnaarklein.nl. En waarom zouden we wachten met een groener leven totdat we in ons tiny house wonen? Ook in onze huidige woning kunnen we al duurzame stappen zetten. Bovendien valt er nog heel veel te ontspullen, voordat we met onze bezittingen en drie katten in het tiny house passen. En dat doen we liever in kleine stappen, zodat we kunnen wennen aan het loslaten.

Er zijn voor ons drie hoofdredenen om in een tiny house te gaan wonen: omdat we denken dat wonen en leven duurzamer kan, met respect voor mens, dier en milieu. Omdat we geloven dat het ook met minder kan: het brengt rust om minder spullen te willen kopen en bezitten. En omdat we graag financiële vrijheid willen hebben en het een optie is om dit te bereiken door de kosten voor ons levensonderhoud zo laag mogelijk te maken. Een tiny house bouw je voor een bedrag tussen de 35.000 en 50.000 euro. Dat is een bedrag dat je in een vrij korte periode (een aantal jaren) kunt afbetalen. Zo hebben we straks geen hoge hypotheeklasten of huurkosten meer. En door ons huis off grid te maken (stroom opwekken met zonnepanelen, regenwater opvangen om mee te douchen, geen aansluiting op de riolering, maar een composttoilet) zijn ook die vaste lasten weg. En zorgen we voor een kleine ecologische voetafdruk. Win-win dus!

En even met Marjolein op de foto natuurlijk. Nadat we in haar tiny house waren geweest, wisten we het nóg zekerder: dit willen wij ook!

Wonen in een tiny house is (nog) erg nieuw in Nederland en dat betekent dat we voor veel uitdagingen staan. Hoe krijgen we de financiering rond? Waar kan ons huisje staan? Lukt het ons om genoeg energie op te wekken om het vooral in de winter warm genoeg te hebben? Valt er genoeg regen om te kunnen douchen? Hoe gaan we de was doen als we straks geen wasmachine meer hebben? En dit is nog maar het puntje van de ijsberg… Maar we geloven dat het allemaal goed gaat komen als we het maar gewoon doen en de dingen die op ons pad komen één voor één aanpakken. Leven in een tiny house met alles wat daarbij komt kijken is onze droom en we werken er hard aan om deze binnen afzienbare tijd werkelijkheid te laten worden! Als je onze reis wilt volgen, ben je van harte welkom op www.vangrootnaarklein.nl En mocht je vragen hebben over deze onderneming, laat het gerust weten!