Tag: Plastic

Groene Manieren was erbij: de ‘Grootste’ Vega-Picknick van Nederland

Vegetarische picknick van de Nederlandse Vegetariërsbond in het Zuiderpark in Den Haag.

Als de Nederlandse Vegetariërsbond om de hoek een vegetarische picknick organiseert dan ben ik daar natuurlijk bij. En Gerbrand ook. Ondanks dat we enigszins brak waren van een gezellig dagje bij vrienden de dag ervoor en de weersvoorspelling ook niet helemaal picknickproof was, gingen we toch met wat komkommer, tomaatjes, een bakje hummus en een flinke fles water (voor de kater ;)) op naar het Zuiderpark.

Vegetarische picknick in het Zuiderpark.

We waren er al vroeg, meteen om 12 uur bij de start van het evenement. In de buurt van het water stond een tafel met daarachter gevulde plastic picknickkleedjes. Medewerkers van de Vegetariërsbond vulden het kleedje aan met een bakje couscoussalade, een broodje en een bakje hummus. Jep, hetzelfde bakje dat we zelf ook hadden meegenomen, hahaha. Eén kleedje kostte 2,50 euro. Er stonden al een aantal mensen in de rij die zich ook niets hadden aangetrokken van het weersbericht. Sommige mensen waren picknickprofessionals: die hadden bijvoorbeeld hun eigen kleed mee, een ander groepje had een goede fles wijn mee en een ouder echtpaar zat prinsheerlijk op zelf meegebrachte stoelen en gebruikten een boodschappenkrat als tafeltje. Gerbrand en ik spreidden onze kleedjes uit aan de rand van het water en zorgden er met een deel van de inhoud van het kleedje voor dat de boel niet wegwaaide.

De couscoussalade was erg lekker. Het broodje konden we beleggen met jam of hummus. Ik combineerde de hummus met de eigen meegebrachte komkommer en tomaat. Verder was het kleedje gevuld met een doosje koekjes, een zakje snoep, 3 pakjes sinaasappelsap (per persoon!), een pakje knackebröd, een zak gedroogde abrikozen (ongezwaveld) en een appel. Allemaal vegetarisch uiteraard, maar niet helemaal Natasja-proof. Ik eet graag zoveel mogelijk toegevoegd suikervrij, dus lunchen met chocolade-chip-koekjes, snoep en sinaasappelsap is niet helemaal mijn ding. Gelukkig vindt Gerbrand dit een minder groot probleem, dus die kan hier de komende tijd van genieten.

Terwijl wij zaten te eten, kwamen er steeds meer mensen op de picknick af. Ook mensen die van tevoren niet op de hoogte waren, volgens mij. Het publiek was erg divers en iedereen verspreidde zich over de twee velden. Op één veld zat een meneer gitaar te spelen en op Facebook zag ik een foto van een verrassende gast: een zwart konijntje was ook benieuwd hoe de vegetarische picknick smaakte en kwam poolshoogte nemen op een van de kleedjes. Het streven van de Vegetariërsbond was om de grootste vegetarische picknick van Nederland te organiseren, met 200 mensen, maar of ze dat aantal gehaald hebben, betwijfel ik. Daarvoor was het weer niet goed genoeg. Wij pakten rond 13.00 uur ons afval in het kleedje in, gooiden dat in de speciaal daarvoor bestemde containers en gingen weer naar huis. We waren nog niet binnen of het begon enorm hard te regenen en te waaien. Erg sneu voor de organisatie en de mensen die nog in het park zaten. Een half uurtje later was het gelukkig weer droog en zonnig, maar het gras in het park zal wel een stuk drassiger zijn geworden. Gelukkig zijn de kleedjes van (gerecycled) plastic, dus droog zitten was nog steeds een optie.

Het was een leuk initiatief van de Vegetariërsbond dat door het wisselvallige weer helaas niet helemaal tot zijn recht kwam. Ook vind ik het jammer dat er veel suikerrijke en in plastic verpakte producten in het pakket zaten. Toch was het gezellig om bij ons in de buurt even te kunnen lunchen met anderen. Is weer eens wat anders dan met het bord op schoot op de bank 😉 Bedankt, Vegetariërsbond, voor het organiseren!

 

Afvalvrij leven: mini-stapjes vooruit

Ik had zo leuk bedacht dat ik wel elke twee weken een update kon schrijven over hoe wij steeds meer afvalvrij zouden gaan leven. Zo moeilijk kon het toch niet zijn? Er waren vast duizend-en-een manieren om onze dagelijkse boodschappen op een gemakkelijke manier te vervangen door afvalvrije alternatieven. Nu zou ik eigenlijk weer een positieve, we-zijn-een stap-verder-update willen geven, maar helaas. De afvalberg blijft hier onverminderd groot.

Jumbo, zeg nou zelf, dit is toch onnodig?

Toch is het niet allemaal kommer en kwel op zero-waste-gebied. Een groot deel van onze boodschappen (en dat zijn dan voornamelijk groente en fruit) halen we bij de Lidl en laat deze supermarkt nou een stuk beter uit de bus komen qua verpakkingsvrij shoppen dan de Jumbo, waar we de rest halen. Bij de Lidl kunnen we veel van onze groente en fruit plasticvrij kopen, terwijl bij de Jumbo de paprika’s zelfs per stuk verpakt zijn. Ik maak niet altijd vrienden bij de kassa als ik weer eens acht losse rode paprika’s op de lopende band heb gelegd, maar met wat gejongleer boven de weegschaal krijgt het kassameisje het uiteindelijk allemaal prima gewogen. Bij de Lidl hebben ze ook noten die je in een eigen zakje kunt doen. De vorige keer deed ik nog een vreugdedansje door de winkel, omdat ik precies (précies) 400 gram had afgewogen. Met een goed gemikt tikje voor het laatste beetje om dat aantal te halen. Hoppa! Ik vond het net zo leuk als bij het tanken een rond bedrag of aantal liters te hebben. En nu we geen auto meer hebben, moet ik deze overwinningen toch op andere gebieden behalen.

Ook hebben we laatst gedroogde bonen en kikkererwten geweekt en gekookt, zodat we deze door onze salade en avondeten konden gooien. Het kost vooral wachttijd, veel werk is het niet, maar na deze ene keer is het nog niet weer gebeurd… Het is geen luiheid, het is meer dat het nog een gewoonte moet worden. Ik moet eraan wennen om op tijd bonen en kikkererwten in een bak met water te gooien zodat het klaar is wanneer we het nodig hebben. En in de praktijk komt het er dus nog op neer dat ik het vergeet, waardoor we toch weer een blikje halen. Goed, opstartproblemen noemen we dit dan maar.

Bij de Albert Heijn gaat er gelukkig ook al heel wat goed qua verpakkingsvrije groente 🙂

Wat bij veel mensen nog de meeste verbazing opwekt is dat wij onze hummus niet zelf maken. Ook deze week staat er weer een bakje van Maza in de koelkast. De naturelvariant, die vind ik het allerlekkerst. Veel lekkerder ook dan die van Sabra, bijvoorbeeld. En ja, ik heb heus weleens zelf hummus gemaakt, ik heb zelfs nog tahin in huis, maar mijn mengsels komen niet in de buurt van de smaak van die van Maza. Nu las ik dat dat waarschijnlijk komt door de hoeveelheid olie die Maza door de hummus gooit… Mmm, een extra reden om het zelf te maken. Heb jij een recept dat mij mijn favoriete hummus wel doet vergeten? Dan hoor ik het graag. Het zou ons veel plastic bakjes per maand schelen! De hot ’n spicy falafel van Maza is trouwens ook zo’n aanrader. Wederom iets in een plastic bakje dat we gemakkelijk zelf zouden kunnen maken. Misschien kan ik met de ingrediënten op de verpakking wel een variant maken die dezelfde smaak heeft. Het is een experimentje waard.

Afvalvrij reizen gaat al prima!

We doen dus heus wel ons best, om vooral ons plastic afval te verminderen. We letten veel beter op de verpakkingen wanneer we boodschappen doen en proberen een variant te kiezen dat minder tot geen afval oplevert. Het grootste ‘probleem’ is dat ik te snel wil veranderen. Ik zou het liefst zien dat die vuilniszak aan plastic afval per week ineens verdwenen is en dat wij als twee blije eitjes met onze zelfgemaakte hummus met zelfgeweekte kikkererwten op een zelfgebakken crackertje op de bank zitten. Maar veranderingen kosten moeite en alleen door kleine stappen te maken zullen de veranderingen ook blijvend zijn. De intentie is er, de eerste kleine stappen zijn gemaakt, nu is het een kwestie van doorgaan. Ik denk dat ik vanavond maar even wat bonen in de week zet…

Afvalvrij leven: zo makkelijk is het niet

Helemaal geïnspireerd kwamen we terug van de lezing door zero waste goeroe Bea Johnson. Zij heeft slechts een klein potje restafval per jaar, met een gezin van vier personen. Daar zitten wij met z’n tweetjes wel erg ver vanaf… Hoe gaat het met ons voornemen om minder afval te produceren?

Om meteen maar met de deur in huis te vallen, niet zo goed. Tenminste, niet zo goed als ik zou willen. De hoeveelheid plastic is nog steeds een zak per week en ook de papierbak en glasbak zitten snel vol. Het enige dat echt aanzienlijk minder is geworden, is de hoeveelheid restafval. Dat is nu zo weinig dat we gewoon vergeten de zak weg te brengen. Met als gevolg dat er afgelopen zaterdag een groot grijs schimmelmonster in de prullenbak zat. Ieh! Daar hebben we korte metten mee gemaakt én we hebben meteen de grote bak vervangen door een mini-exemplaar. De grote bak doet nu dienst als plastic bak, wat weer stukken handiger is dan de wasmand die we eerst gebruikten. Die gaat naar de kringloop. Zo schuift alles weer mooi door. Maar ja, minder afval is er dus nog niet. Hoe kan dat?

Ik kan een hele rits aan ‘smoezen’ bedenken. We hebben (maken?) te weinig tijd om alternatieve winkels te zoeken waar we makkelijker verpakkingsvrij kunnen winkelen of om naar de markt te gaan. We vergeten veel te vaak onze eigen katoenen zakjes mee te nemen (hoe krijgen we dat in ons systeem?). En een maand was te kort om nóg een verandering in ons eetpatroon door te voeren, met het oog op eten met minder verpakkingsmateriaal. En toch zijn dit wel de hoofdredenen waarom het deze maand nog niet echt van de grond is gekomen met meer afvalvrij leven. Oké, ik zal niet te streng zijn voor mezelf (ook al ben ik daar een meester in); er zijn ook dingen die we al wél goed doen. We nemen onderweg altijd onze eigen waterflessen mee bijvoorbeeld, gooien onze lunch in een eigen trommel en paprika’s halen we altijd los bij de Lidl (en daar eten we er vijf tot zes per week van!). Bij de Lidl kunnen we nu ook nootjes tappen en alle koppen thee zetten we met losse thee en een rvs-zeefje. En tot onze verrassing blijkt onze favoriete kokosrasp (die van de EkoPlaza) in biologisch afbreekbare zakken te zitten. Win-win voor deze kokosverslaafde 🙂

Maar ja…die kwarkbakjes hè, elke ochtend maken we er eentje leeg. We willen eigenlijk alleen maar biologische zuivel eten en die is er alleen in bakjes van 500 gram. We hebben een tijdje een poging gedaan om plantaardig te ontbijten, met havermout en amandelmelk. Maar dat was geen succes in huize Oosterloo-Van der Weg. Ook hummus gaat er hier nog in grote hoeveelheden doorheen en dat levert om de paar dagen een leeg bakje op. Elke dag een salade voor de lunch mét peulvruchten, zoals linzen en bonen, levert een stapel blikjes op. Alhoewel we daarbij wel steeds vaker kiezen voor glas en dat bewaren voor andere doeleinden.

Het afvalstation. Het kleine prullenbakje is restafval, zijn grote broer verzamelt het plastic. Daarnaast compost, glas en papier.

Zie je, daar ga ik weer met wat er allemaal niet “goed” gaat. Feit is: we kiezen nog steeds sneller voor gemak dan voor afvalvrij. Want een deel van deze zaken kunnen we best vervangen door alternatieven met veel minder verpakkingen. De hummus is heel eenvoudig zelf te maken. En als we grote zakken gedroogde peulvruchten kopen, kunnen we deze zelf weken en koken. Scheelt een hoop blikjes en potten! En zelfs de kwark en de yoghurt kunnen we vervangen door een beter alternatief; zo’n vijftien kilometer verderop zit een biologische boer waar we het in glazen potten en flessen met statiegeld kunnen halen. We hebben geen auto, dus zouden we er op de fiets of met het OV naartoe moeten. Maar ja, de tijd hè… Ik weet het, het is een kwestie van prioriteiten stellen, maar op dit moment zitten de dagen zo vol, dat gemak het wint van verpakkingsvrije alternatieven zoeken. Helaas…

Maar hee, nieuwe ronde, nieuwe kansen! We gaan gewoon door met het zetten van kleine stappen op weg naar een meer afvalvrij leven. Natuurlijk zou het fijn zijn als je in je vingers kon knippen en al je gewoonten op magische wijze veranderden in groene manieren. Helaas werkt het niet zo en blijft het een leerproces. Dingen uitproberen, alternatieven zoeken, kijken wat bij ons past en dat dan lang genoeg doen zodat het een gewoonte wordt. Dat we uiteindelijk minder afval zullen produceren staat vast, want daar gaan we voor. Nu nog de ‘juiste’ route uitstippelen…Tips zijn zeer welkom!

‘Het begint met nee zeggen’: Zero waste goeroe Bea Johnson was in Nederland

Ze kreeg rode uitslag op haar lippen toen ze brandnetelsap erop smeerde om ze groter te laten lijken. En uitgedroogd mos bleek toch niet zo’n heel goed alternatief voor wc-papier… Sinds 2008 leeft Bea Johnson zero waste en heeft ze heel veel dingen uitgeprobeerd om afval zoveel mogelijk te vermijden. En met resultaat: vorig jaar produceerde haar gezin van vier personen (met twee puberzonen) slechts één klein weckpotje aan restafval… Inmiddels reist ze de wereld over om mensen te inspireren afvalvrij te leven.

In Amsterdam waren er veel mensen nieuwsgierig naar de tips van deze ‘zero waste goeroe’, die in Pllek een lezing van twee uur zou geven; de zaal zat goed vol. Iets na 20 uur stapte Bea Johnson op het podium en met haar charmante Franse accent nam ze ons mee in haar afvalvrije leven. Voor wie Bea Johnson niet kent: op haar blog zerowastehome.com vertelt ze duizenden bezoekers per maand hoe ze zo min mogelijk afval kunnen produceren. En geeft ze een kijkje in haar smetteloos witte, minimalistisch ingerichte huis.

Haar mantra is: Refuse, Reduce, Reuse, Recycle, Rot (and only in that order). Ze probeert in de eerste plaats dus zo min mogelijk afval in huis te halen. Wat je niet hebt, hoef je ook niet weg te gooien. En, zegt Bea, wanneer je verpakte producten koopt geef je als consument het signaal: ik ben hier blij mee, produceer alsjeblieft meer plastic. Wanneer je ‘nee’ zegt, heeft de aanbieder juist de kans om het anders te doen. En hoe meer mensen ‘nee’ zeggen, hoe groter het effect is. Het geeft mij positieve energie, deze instelling. Want wanneer ik bezig ben met veranderingen op het gebied van bewust leven denk ik soms in een pessimistische bui: ‘ach, wat maakt het uit, ik maak in mijn eentje het verschil niet.’ Maar ik (en jij :)) maken het verschil juist wél.

Bea liet aan de hand van persoonlijke anekdotes zien hoe zij omgaat met een zero waste levensstijl. Je zult haar bijvoorbeeld nooit zien reizen zonder haar eigen thermosfles en katoenen zakje voor eten en ze is een groot fan van tweedehands shoppen. Haar outfit was geheel tweedehands en een dame uit het publiek vroeg haar in het vragenrondje: ‘koop je ook ondergoed tweedehands?’ Ja dus, wanneer ze het goede merk en maat tweedehands kan krijgen, koopt ze dat. Volgens Bea is dat echt niet ‘viezer’ dan nieuw ondergoed uit de winkel… Ook is ze een groot fan van producten met een unconditional lifetime warranty. Dat betekent dat wanneer iets stuk is, ze het naar de fabrikant terug kan sturen en een nieuwe krijgt. Ongeacht de reden waarom het artikel niet meer werkt. De fabrikant kan zo de grondstoffen hergebruiken en Bea heeft weer een goed werkend product en geen afval. Naar producten met zo’n garantie moet je wel goed zoeken; Bea noemde onder andere de rugtas van Jansport, sokken van Darn Tough en een koffer van Briggs & Riley.

Wat ik leuk vond aan Bea is haar nuchterheid over haar manier van leven. Ze laat duidelijk merken dat het haar persoonlijke keuzes zijn en dat kritiek daarop niet aan haar besteed is. Ze doet wat zij kan en wat bij haar en haar gezin past. Doordat ze zo in de aandacht staat, krijgt ze namelijk ook kritiek. Het is volgens sommige mensen nooit groen genoeg. Haar vleesconsumptie is bijvoorbeeld een terugkomende thema in kritische berichten. En haar vliegreizen om lezingen te geven in verschillende landen doet her en der ook wat wenkbrauwen fronsen. Een van de bezoekers in Amsterdam vroeg zich dat ook af: hoe verenigde Bea het reizen per vliegtuig met haar manier van leven? Haar antwoord was helder: dit is voor haar een manier om een zero waste levensstijl bij zoveel mogelijk mensen onder de aandacht te brengen. En als ze ook maar één iemand per lezing aanzet om daarin stappen te zetten, dan is dat het waard.

Een van Bea’s zonen laat zien hoe gelukkig je wordt van belevingen in plaats van spullen 🙂

En ons heeft ze zeker geïnspireerd! Tips die ik meeneem uit haar lezing:

    • Wij vinden het een grote uitdaging om ons huidige menu meer verpakkingsvrij te kopen. Bea bekijkt dit anders: probeer niet te focussen op het vinden van alternatieven voor wat je altijd kocht, maar kijk wat je gemakkelijk verpakkingsvrij kunt krijgen.
    • Kun je iets niet verpakkingsvrij kopen, koop het dan in een grootverpakking. Dat wordt een schuurtje naast het tiny house 😉
    • Een afvalvrij leven begint met ‘nee’ zeggen: nee tegen overbodige verpakkingen, nee tegen folders en ‘freebies’, nee tegen wegwerpproducten.
    • Recyclen is ok, maar is niet zaligmakend. Door te recyclen draag je nog steeds bij aan de productie van bijvoorbeeld plastic.
    • Maak dingen zelf, maar alleen als je je daar goed bij voelt en het geen extra verplichting of tijd opslokkende bezigheid wordt. Zo maakt Bea haar tomatensaus zelf, maar slechts één keer per jaar in een enorme hoeveelheid. Niet helemaal tiny house proof, wel inspirerend.
    • Afvalvrij leven moet niet voelen als een levensstijl waarin je niets meer ‘mag’, maar als iets dat je juist vrijer en gelukkiger maakt. Je concentreert je namelijk op belevingen in plaats van op (nog meer) spullen.
    • Doe wat je kunt op het gebied van groener leven en bepaal daarin je eigen koers. Laat je niet ontmoedigen door kritiek van mensen die vinden dat je het niet goed genoeg doet of die je een ‘rare vogel’ vinden. Als jij je fijn voelt bij jouw manier van leven, dan is dat goed.

Dank aan het Nederlandse zero waste blog Emma+John, duurzame community Opgemärkt en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu voor deze toffe avond! Op naar een meer afvalvrij leven 🙂

Afvalvrij [1] – waar beginnen we?

Plasticdieet, Plastic Free July

Afval scheiden hebben we al tot een kunst verheven. In de keuken staat een verzameling bakken en tassen: voor plastic afval, glas, papier en restafval. Op het aanrecht staat een glazen pot waarin ons groenafval gaat voor op de composthoop. En ook in de wc en badkamer staan zakken en bakjes voor plastic, rest- en papierafval. Het geeft al een beter gevoel dat ons afval (voor het grootste gedeelte) hergebruikt wordt, maar het is toch elke week weer schrikken hoeveel rotzooi wij met z’n tweetjes kunnen verzamelen. Vooral papier en plastic is met recht een afvalberg te noemen. Dat moet minder kunnen. In deze serie zoek ik uit: hoe kunnen we zo afvalvrij mogelijk leven?

Waar beginnen we? Al een tijdje nemen we ons voor om minder verpakkingen te kopen bij onze wekelijkse boodschappen. Maar dat blijkt steeds gemakkelijker gezegd dan gedaan. De katoenen tasjes voor fruit en groente vergeten we vaak mee te nemen (oeps!), als we boodschappen doen bij de kleine Albert Heijn om de hoek (voor de snelle tussendoorboodschapjes) kunnen we geen snoeptomaatjes zonder plastic emmer kopen. En elke ochtend kwark bij het ontbijt betekent elke dag een leeg plastic kwarkbakje. Ja, zo vullen de afvalbakken zich wel razendsnel. Eigenlijk zijn dit natuurlijk gewoon planningsproblemen en die zijn op te lossen. Tijd dus voor serious business: geen smoesjes meer! Stap voor stap willen we ons afval verminderen en om te kunnen zien hoe erg het nu precies is, keerde ik onze plastic-afvalbak om. Dit is het resultaat van één week:

De opbrengst van één week plastic afval. Het was een heerlijk klusje om dit zo uit te spreiden…

Verpakkingen van groente en fruit
Waarom zit zoveel groente en fruit in plastic verpakt? Soms zelfs met een bakje én een zakje? En als we dan voor biologisch kiezen, zit er vaak alsnog plastic omheen. Om de broccoli, per paprika, om een komkommer. Wortels in een plastic zak, tomaatjes in een emmer. Met ons vegetarische dieet stapelt de hoeveelheid afval van groente en fruit zich snel op. En het is zo onnodig en gemakkelijk te vermijden.
Kwarkbakjes en yoghurtverpakking
Ik geniet (al jaren) elke ochtend van mijn muesli (biologisch, van de Hema) met rozijnen, lijnzaad en kokos. Mét volle biologische kwark én een beetje biologische magere yoghurt. Maar die biologische kwark is er alleen in bakjes van 500 gram en die gaat elke ochtend op met twee personen. Hallo plasticberg!
Hummusbakjes
Ik ben hummusverslaafd, ik geef het toe. Ik gebruik het in de dressing voor mijn lunch, eet het graag met een stuk paprika of wortel en in het weekend doe ik het op brood.
Zakken van de rijst, pasta en dergelijke
Loopt toch aardig op, want we eten vaak wel iets van rijst of pasta bij het avondeten.
Verpakkingen van ons broodbeleg/salade-inhoud
Potjes, kaasverpakking (gewone kaas én feta), boterkuipjes, noem maar op.
Verpakkingen van ons brood
De zak. Vaak van plastic, soms gecombineerd met papier.
Zakjes van de nootjes
Elke dag een handje nootjes is gezond. Maar ja, weer zo’n zakje hè.
Blikjes kattenvoer
Onze drie harige huisgenoten krijgen elke dag 1/3 van een blikje nat voer. Elke dag een blikje bij het afval dus.

Pfoe, confronterend, om alles zo uitgespreid en opgesomd te zien! Geen wonder dat we elke week een vuilniszak vol plastic afval hebben 🙁 Voor elk van deze producten wil ik een alternatief vinden. Op een voor ons gemakkelijk te veranderen manier, zodat we het goed kunnen inpassen in ons dagelijks leven. Ik wil de producten in eerste instantie kunnen halen bij de supermarkt of een alternatief dat daar dichtbij is. In het weekend, want dan doen we de weekboodschappen. Voor ons betekent dit dat ik in deze eerste stap op zoek ga naar zoveel mogelijk verpakkingsvrije producten bij de Jumbo, Lidl en Albert Heijn. Als het niet lukt om daar iets verpakkingsvrij te kopen, ga ik op zoek naar een voordeelverpakking of een milieuvriendelijker alternatief.

Katoenen zakjes van Re-Sack.

Ik ben al enigszins voorbereid op meer afvalvrij kopen. Ik heb twee mooie katoenen zakjes van Re-Sack, gekocht bij Babongo. En in een creatieve bui naaide ik zelf een zakje van een oud kussensloop. Maar deze vergeet ik nog iets te vaak mee te nemen bij het boodschappen doen. En bij spontane, tussendoor-boodschappen heb ik ze al helemaal niet standaard in mijn tas. Dat is alvast één gemakkelijk verbeterpuntje: zakjes op een plek bewaren zodat ze bij de hand zijn.

Over een maand zie je in deel 2 van deze serie hoe het mij de eerste maand vergaan is. Welke alternatieven heb ik bij onze vaste supermarkten kunnen vinden? Of heb ik wellicht winkels gevonden die gemakkelijk per fiets bereikbaar zijn (we hebben geen auto) en waar verpakkingsvrij shoppen een stuk makkelijker is?

Ik ben benieuwd: let jij op de verpakking wanneer je iets koopt?