Tag: vegetarisch

Bye bye kaas en zuivel?

De Vijf: vegetarische vleesvervangers

Gerbrand appte mij laatst een artikel van NOS, waarin ze Milieu Centraal aan het woord laten over ‘de do’s en don’ts’ voor het klimaat. De meeste do’s en don’ts waren geen verrassing en proberen we al zo goed mogelijk toe te passen. Er stond echter één puntje tussen waarover we ons al langer niet helemaal goed voelen: het eten van zuivel en kaas. We eten nu al een tijdje volledig vegetarisch en dat scheelt natuurlijk al enorm. Maar zo lang we nog steeds dagelijks zuivelproducten en kaas eten, werken we eigenlijk nog net zo hard mee aan de problemen die dit veroorzaakt.

We starten de dag ‘s ochtends met ieder 200 gram biologische kwark. Daar deden we tot een paar weken geleden nog 100 gram magere yoghurt bij (dat geeft zo’n lekkere structuur, vinden wij), maar de yoghurt hebben we vervangen door Alpro Mild & Creamy kokos. Die stap was heel gemakkelijk om te zetten, vooral voor mij, als rasechte kokosfan. De Mild & Creamy kokos smaakt helemaal niet naar soyayoghurt en daar ben ik heel blij om. De keren dat ik soyayoghurt naturel probeerde, vond ik de smaak echt vreselijk. Alsof ik vloeibaar karton zat te eten… De kwark vervangen we nu af en toe door Alpro Go On. Deze variant heeft de structuur van kwark en is prima te eten. Er zit een beetje suiker in en dat verhult de kartonsmaak waar ik zo’n hekel aan heb. Normaal gesproken probeer ik producten met toegevoegd suiker zoveel mogelijk te vermijden, maar bij het vervangen van zuivelproducten is een beetje toegevoegd suiker geen probleem. Lactose, in zuivel, is ook een vorm van suiker. In de biologische kwark zit 3,5 gram suiker per 100 gram en in de Alpro Go On zit 2,5 gram suiker, minder suiker dus zelfs! We kunnen met deze producten ons muesli-ontbijtje dus prima en zonder problemen plantaardig maken.

Maar dan de kaas hè, die we tijdens de lunch en het diner vaak eten. In mijn lunchsalades gaat meestal feta en soms een geitenkaasje. Gerbrand houdt wel van kaas op zijn boterham en dat doe ik er in het weekend ook op. We eten gemakkelijk zo’n vierkant stuk kaas per week, anderhalve week. Want een paar plakjes kaas maakt mijn groenteomelet ook nog net iets lekkerder. In de pasta gaat wat mozzarella, eroverheen Parmezaanse kaas (en wie is daar zuinig mee?), bij de patat eten we een kaassouflé en in één van onze favoriete vegaburgers zit….kaas. Risotto met geitenkaas, pizza met kaas en groente, mozzarella in dit heerlijke gnocchirecept van Iris… kaas lijkt een onmisbaar element in onze keuken. Maar ik was jaren geleden ook dol op vlees en dat mis ik helemaal niet. Met kaas zou dat dan toch ook moeten lukken?

We hebben het er al vaker over gehad dat we eigenlijk echt zouden moeten én willen minderen met kaas en zuivel. Vandaar ook de stappen die we gezet hebben om te ontbijten met sojaproducten. We hebben ook overnight oats met kokosdrink geprobeerd, havermoutpap met hetzelfde kokosspul en een soort mueslibrood, maar dat viel niet zo in de smaak. Ik ben erg gehecht aan mijn biologische muesli van de Hema, met kokos, lijnzaad en tegenwoordig extra gerstevlokken (in plaats van rozijnen…). Maar verder dan dat kwamen nog niet met onze goede voornemens. Dat gaat veranderen. In kleine stappen gaan we onze kaas- en zuivelconsumptie afbouwen. Zo kopen we voor thuis geen kaas of kaasproducten meer voor bij de lunch. Dus geen kaas meer op brood en geen feta of geitenkaas door mijn salades. Vandaag heb ik het laatste beetje jonge kaas opgegeten. Ook gaan we ons best doen om ‘s avonds vaker volledig plantaardig te eten. En buitenshuis zal ik vaker kiezen voor gerechten zonder kaas of zuivel. Deze langzame manier van afbouwen heb ik ook gebruikt bij het minderen met vlees, totdat ik echt vegetarisch at. Als je te rigoureus wilt veranderen, is het veel moeilijker om vol te houden. De kans dat je terugvalt naar gewoonten die je eigenlijk wilt afleren is dan erg groot en dat zorgt alleen maar voor teleurstelling. Terwijl eten een fijne bezigheid is en dat wil ik graag zo houden.

Ik volg genoeg leuke mensen die plantaardig eten, dus bij hen vind ik vast genoeg inspiratie om onze kaas- en zuivelconsumptie drastisch te verminderen. Bij Blackbirds and Cakes zag ik een boek voorbijkomen met recepten om zelf vegan kaas te maken. Ik ben heel benieuwd hoe die smaken! En hoeveel werk het is om dat zelf te brouwen… Kortom, we gaan niet cold turkey zonder kaas en zuivel, maar we gaan wel voor véél minder!

 

 

De Vijf: vegetarische vleesvervangers die wij graag eten

De Vijf: vegetarische vleesvervangers

Ondanks dat we vroeger allebei dagelijks vlees aten, eten we nu we vegetariërs zijn niet bij elke maaltijd een vleesvervanger. Eiwitten, essentiële aminozuren en andere mineralen en vitaminen kun je namelijk ook binnenkrijgen door onder andere peulvruchten, noten en veel verschillende soorten groenten en fruit te eten. En met zoveel variatie in je eten mis je vlees helemaal niet en denken we vaak niet eens aan een vervanger. Maar bij sommige gerechten past een vegetarisch alternatief juist perfect. Ik zet onze favorieten op een rijtje!

Gerbrand en ik eten niet alleen vegetarisch, we letten er ook op dat de voedingsmiddelen die we eten zoveel mogelijk toegevoegd suikervrij zijn en het liefst ook zo min mogelijk ‘onherkenbare’ ingrediënten bevatten. Voor veel vleesvervangers geldt echter dat ze nogal wat ‘zooi’ bevatten. Teveel zout bijvoorbeeld. Of suiker waar dat niet nodig is. We letten dus op de ingrediënten bij het kopen van vleesvervangers. Kant-en-klare vegetarische producten blijven bewerkt voedsel, dus we genieten ervan, maar met mate 🙂

Groentepakket van Lekkernassûh

Groente blijft de basis!

Falafel Hot ‘n Spicy van Maza

Ingrediënten: kikkererwten 67%, jalapenopepers 8%, raapolie, tarwebloem, harissa (rode piment, koriander, karwij), spinazie, ui, courgette, peterselie, knoflook, conserveermiddelen: E200/E210, zout, koriander, peper, voedingszuur: citroenzuur.

We kochten altijd de gewone falafel van Maza, die prima is, totdat deze een keer uitverkocht was. De pittige ging mee in het mandje en bleek veel lekkerder te zijn! Deze staat nu dus standaard op tafel wanneer we falafel eten. In deze falafel zit geen toegevoegd suiker en het bevat ook geen waslijst aan onherkenbare ingrediënten. Er zit 1 gram zout per 100 gram in, dat valt ook mee. Volwassenen mogen per dag maximaal 6 gram zout, maar minder is altijd beter.

De falafel eten we met suikervrije volkoren pitabroodjes van de Ekoplaza. Daar zit alleen steengemalen volkoren tarwemeel, water, gist en zout in. We voegen er verse spinazie aan toe en gebakken tomaatjes, paprika en wortel met wat kaneel, koriander, komijn en chilipoeder. Wat kwark en hummus erover en klaar is ons broodje falafel! Natuurlijk kun je falafel ook heel gemakkelijk zelf maken en ook pitabroodjes maken is eenvoudig. En dat zou ook plastic afval schelen. Maar dit is een gerecht dat we eten wanneer we minder tijd hebben en dan is dit toch wel heel handig.

Spinazie-kaas rondo van Garden Gourmet 

Ingrediënten: spinazie (23%), rijst, vegetarische Gouda en Edam kaas (18%), paneermeel (tarwemeel, water, zout, koolzaadolie, gist, specerijen (paprika, kurkuma)), water, plantaardige oliën (koolzaad, zonnebloem in wisselende verhoudingen), tarwemeel, scharrelei-eiwitpoeder, basilicum, azijn, erwtenvezels, erwtenzetmeel, zout, maïszetmeel, gedroogde dille, zwarte peper.

We eten meestal één keer per week gebakken aardappeltjes (Gerbrand bakt de lekkerste!) en groente. Daar past een vegetarische burger bij, een nieuwerwets AGV’tje. We hebben een tijdje een voorkeur gehad voor de broccoliburger van SoFine, die we haalden bij de Jumbo. Wederom maakten we een switch naar een nieuwe favoriet toen deze burgers een keer op waren en we daarna bij de Albert Heijn waren voor wat andere boodschappen. De spinazie-kaas rondo van Garden Gourmet is superlekker! Heel smaakvol en goed vullend. Er zitten behoorlijk wat ingrediënten in, maar niets waar wij ons druk over maken.

Toch staat deze burger op de nominatie om vervangen te worden door een alternatief. We willen namelijk graag wat minder zuivelproducten eten en in deze burger zit kaas. Zelf vegetarische burgers maken is zeker een optie. Met peulvruchten, wat kruiden en iets van paneermeel komen we al een heel eind!

Vegetarische schnitzel van Gourmet Garden 

Ingrediënten: water, paneermeel (tarwemeel, water, zout, koolzaadolie, gist, specerijen (paprika, kurkuma)), soja-eiwit (9%), koolzaadolie, tarwe-eiwit (7%), scharrelei-eiwitpoeder, mayonaise (zonnebloemolie, azijn, scharrelei-eigeel, mosterd, gejodeerd zout, suiker), tarwebloem, gistextract, citroenvezel, tomaatconcentraat, specerijen, maïszetmeel, azijn, zout, knoflook.

Deze vleesvervanger ontdekte ik zo’n twee weken geleden, wederom bij de Albert Heijn in de schappen. Het is eigenlijk een niet zo gezonde optie voor bij de aardappeltjes, want er zit geen groente in en het is vooral water met tarwe en soja. Toch is dit ding heel lekker! Voor de fervente vleeseters zou deze schnitzel een goede optie zijn om eens een dagje vegetarisch te eten. De smaak en het mondgevoel komen behoorlijk overeen met een schnitzel van vlees, zo eentje uit de supermarkt dan. Deze schnitzel voldoet trouwens ook niet aan onze geen-toegevoegd-suiker-regel, want het bevat mayonaise met suiker. Maar de hoeveelheid suiker is daardoor laag en voor een keertje is dat geen probleem.

Woezel & Pip vegetarische sticks van Jumbo

Ingrediënten: water, paneermeel (tarwebloem, gist, zout, paprikapoeder), sojabonen 17,3%, zonnebloemolie, aardappelzetmeel, verstevigingsmiddel: E509, aroma, tarwebloem, verdikkingsmiddelen: E401 en E461, zout.

Deze sticks kwamen we op het spoor door een blog van Iris van Ikbenirisniet. De sticks zijn een vegetarische optie voor vissticks. Wederom een lekker hapje voor bij de aardappeltjes en groente dus. Ook deze sticks zijn niets anders dan water, tarwebloem en soja met wat kruiden, maar daar smaken ze niet minder om! En ja, ze hebben echt veel weg van vissticks. We aten deze sticks laatst nog terwijl mijn neefje Olivier (1,5) ook meeat. En ook bij hem gingen de vissticks erin als koek. Geschikt voor zowel kinderen als volwassenen dus 🙂

Kipstuckjes van de Vegetarische Slager

Ingrediënten: 88% soja structuur (water, soja-eiwit concentraat), uien-extract, zonnebloemolie, natuurlijke aroma’s.

Meestal eten we onze nasi zonder vleesvervanger. We doen er dan bijvoorbeeld een gebakken eitje bij of een handvol noten. Net zo lekker, gezond én budgetvriendelijk. Maar af en toe willen we graag ‘luxe’ nasi en dan halen we de kipstuckjes van de Vegetarische Slager. Die zijn bij veel supermarkten gewoon verkrijgbaar. De kipstuckjes snijden we nog wat kleiner en dan bakken we ze goed aan in olie totdat ze lekker goudbruin zijn. De structuur en smaak zijn perfect en bijna niet van echte kip te onderscheiden. Ik vind ze echt lekker door de nasi, maar we kopen ze maar af en toe. Zo houden we het lekker en het is beter voor onze portemonnee. Want ze zijn best prijzig.

Meestal eten we één keer of maximaal twee keer per week een vegetarische burger of falafel. De vleesvervangers blijven bewerkt voedsel, met behoorlijk wat ingrediënten en zout waar we prima zonder kunnen. Eet jij vleesvervangers? Welke is jouw favoriet? En wanneer je ze zelf maakt, welk recept is dan onovertroffen?

Groene Manieren was erbij: de ‘Grootste’ Vega-Picknick van Nederland

Vegetarische picknick van de Nederlandse Vegetariërsbond in het Zuiderpark in Den Haag.

Als de Nederlandse Vegetariërsbond om de hoek een vegetarische picknick organiseert dan ben ik daar natuurlijk bij. En Gerbrand ook. Ondanks dat we enigszins brak waren van een gezellig dagje bij vrienden de dag ervoor en de weersvoorspelling ook niet helemaal picknickproof was, gingen we toch met wat komkommer, tomaatjes, een bakje hummus en een flinke fles water (voor de kater ;)) op naar het Zuiderpark.

Vegetarische picknick in het Zuiderpark.

We waren er al vroeg, meteen om 12 uur bij de start van het evenement. In de buurt van het water stond een tafel met daarachter gevulde plastic picknickkleedjes. Medewerkers van de Vegetariërsbond vulden het kleedje aan met een bakje couscoussalade, een broodje en een bakje hummus. Jep, hetzelfde bakje dat we zelf ook hadden meegenomen, hahaha. Eén kleedje kostte 2,50 euro. Er stonden al een aantal mensen in de rij die zich ook niets hadden aangetrokken van het weersbericht. Sommige mensen waren picknickprofessionals: die hadden bijvoorbeeld hun eigen kleed mee, een ander groepje had een goede fles wijn mee en een ouder echtpaar zat prinsheerlijk op zelf meegebrachte stoelen en gebruikten een boodschappenkrat als tafeltje. Gerbrand en ik spreidden onze kleedjes uit aan de rand van het water en zorgden er met een deel van de inhoud van het kleedje voor dat de boel niet wegwaaide.

De couscoussalade was erg lekker. Het broodje konden we beleggen met jam of hummus. Ik combineerde de hummus met de eigen meegebrachte komkommer en tomaat. Verder was het kleedje gevuld met een doosje koekjes, een zakje snoep, 3 pakjes sinaasappelsap (per persoon!), een pakje knackebröd, een zak gedroogde abrikozen (ongezwaveld) en een appel. Allemaal vegetarisch uiteraard, maar niet helemaal Natasja-proof. Ik eet graag zoveel mogelijk toegevoegd suikervrij, dus lunchen met chocolade-chip-koekjes, snoep en sinaasappelsap is niet helemaal mijn ding. Gelukkig vindt Gerbrand dit een minder groot probleem, dus die kan hier de komende tijd van genieten.

Terwijl wij zaten te eten, kwamen er steeds meer mensen op de picknick af. Ook mensen die van tevoren niet op de hoogte waren, volgens mij. Het publiek was erg divers en iedereen verspreidde zich over de twee velden. Op één veld zat een meneer gitaar te spelen en op Facebook zag ik een foto van een verrassende gast: een zwart konijntje was ook benieuwd hoe de vegetarische picknick smaakte en kwam poolshoogte nemen op een van de kleedjes. Het streven van de Vegetariërsbond was om de grootste vegetarische picknick van Nederland te organiseren, met 200 mensen, maar of ze dat aantal gehaald hebben, betwijfel ik. Daarvoor was het weer niet goed genoeg. Wij pakten rond 13.00 uur ons afval in het kleedje in, gooiden dat in de speciaal daarvoor bestemde containers en gingen weer naar huis. We waren nog niet binnen of het begon enorm hard te regenen en te waaien. Erg sneu voor de organisatie en de mensen die nog in het park zaten. Een half uurtje later was het gelukkig weer droog en zonnig, maar het gras in het park zal wel een stuk drassiger zijn geworden. Gelukkig zijn de kleedjes van (gerecycled) plastic, dus droog zitten was nog steeds een optie.

Het was een leuk initiatief van de Vegetariërsbond dat door het wisselvallige weer helaas niet helemaal tot zijn recht kwam. Ook vind ik het jammer dat er veel suikerrijke en in plastic verpakte producten in het pakket zaten. Toch was het gezellig om bij ons in de buurt even te kunnen lunchen met anderen. Is weer eens wat anders dan met het bord op schoot op de bank 😉 Bedankt, Vegetariërsbond, voor het organiseren!

 

Wat schaft de pot in huize Oosterloo-Van der Weg?

Wat eten wij zoal vegetarisch?

Gerbrand en ik zijn nu ongeveer een half jaar fulltime vegetariërs. Daarvoor aten we thuis sowieso geen vlees. Alleen af en toe bij iemand thuis of in een restaurant. Ik merkte dat ik daar niet blijer van werd: ik kreeg veel pijn in mijn buik als ik eens vlees at. Dat, en alle nare verhalen die ik steeds maar weer voorbij zag komen, zorgden ervoor dat ik definitief vegetarisch ging eten. Gerbrand volgde een klein poosje later, ook hij kon het voor zichzelf niet meer verantwoorden waarom ie af en toe nog wel voor een stukje vlees koos. Het is heel fijn dat we allebei hetzelfde denken over voeding, dat maakt het boodschappen doen een heel stuk makkelijker 🙂

Vegetarisch eten

In principe doen we één keer per week boodschappen: we zijn allebei geen fan van supermarktbezoeken (understatement in mijn geval) en het scheelt een hoop geld wanneer je niet elke avond met een lege maag langs allerlei verleidelijke schappen hoeft te lopen. In het weekend gaan we samen aan de keukentafel zitten en maken we het weekmenu. Nee, dat is niet altijd even makkelijk. Soms hebben we totaal geen inspiratie en komen we wéér op dezelfde soort gerechten uit. Je weet wel: die recepten die makkelijk, snel en altijd lekker zijn. Gelukkig zijn dat allemaal (vrij) gezonde maaltijden, dus we kunnen ons er geen buil aan vallen. Maar het is wel oppassen dat we niet elke week voor gemak kiezen en blijven variëren. Dat proberen we nu onder andere te doen door het wekelijks afhalen van een Lekkernassûh-groentepakket. Bij Lekkernassûh neem je een abonnement en dan kun je elke week op woensdag een pakket met acht verschillende biologische groenten ophalen. De inhoud van het pakket verschilt elke week: het is maar net wat welke lokale boeren en tuinders geoogst hebben. Zo worden we elke week ‘gedwongen’ om creatief te koken, want die acht groenten moeten toch echt op!

Groentepakket van Lekkernassûh

Allemaal biologisch en uit de buurt van Den Haag.

Op ons weekmenu staat sowieso een dagje aardappels, groente en een vleesvervanger. Gerbrand is hier de specialist in krieltjes bakken met de lekkerste kruiden, dus die maakt dit altijd. Bij de vleesvervangers letten we goed op de ingrediënten. We eten namelijk ook zoveel mogelijk toegevoegd suikervrij én willen liever niet al te veel toevoegingen naar binnen werken met dit soort producten. Bij de Jumbo zijn we fan van de broccoliburger en de Woezel&Pip-sticks (bedankt voor de tip, Iris!), maar onze favoriet halen we speciaal bij de Albert Heijn: de spinazieburger mét kaas erin. Verder eten we altijd wel een keer pasta (met zelf gemaakte spinaziepesto bijvoorbeeld of de gnocchi van Iris) en rijst (de laatste tijd is een eenvoudige wokmaaltijd hier favoriet: we kunnen er veel van de groente van Lekkernassûh in kwijt. Je gooit er eventueel tofublokjes in, sojasaus, gember, knoflookpoeder, beetje kerrie, roerbakken en klaar!). Verder zijn we echte risottofans: met venkel en citroen bijvoorbeeld of met rode bietjes en geitenkaas. Of deze klassieker van Jamie Oliver, mmmm. Ook hier is Gerbrand weer de specialist, hij maakt heerlijke risotto. Nu lijkt het net of ik nooit kook, maar dat is niet zo hoor, haha 🙂 Andere favoriete gerechten zijn chili sin carne, een heerlijke pasta bolognese (met linzen) en rode linzencurry (met ananas en doperwtjes).

Vlees missen we totaal niet in onze gerechten. We eten zo’n 1 à 2 keer per week een vleesvervanger (zo’n burger dus, tofublokjes of falafel) en verder vullen we onze gerechten aan met peulvruchten, ei, kaas of noten. Met de hoeveelheid groente die wij dagelijks verorberen zit het wel goed, al scoort ik hier iets beter op dan Gerbrand 😉 Ik eet meestal een flinke salade voor de lunch, dus ik loop dan meteen al een paar honderd gram voor. En als ik dan toch eens brood eet, in het weekend bijvoorbeeld, probeer ik er alsnog wat groente op te doen. Wat spinazie eronder, tomaatjes erop of wat rauwe paprika. Maakt zo’n saaie boterham meteen een stuk lekkerder. Qua brood eet ik trouwens alleen de varianten zonder suiker/dextrose. Liefde&Passie-brood van de Albert Heijn vind ik heerlijk, maar ook de Jumbo heeft lekker brood zonder suiker en zelfs bij de Lidl is dat te halen. Het desembrood (dat niet altijd op voorraad is helaas) is suikervrij.

We koken trouwens vrijwel altijd maaltijden voor drie tot vier personen. Wat er dan overblijft, vriezen we in. Die porties gebruiken we wanneer één van ons alleen moet eten of wanneer we eens een dagje geen zin hebben om te koken of te weinig tijd hebben. Ideaal! En soms hebben we zelfs geen zin om wat op te warmen. Dan gaan we even langs het Patathoekje voor twee mediumfriet en een kaassouflé. Want aardappelen zijn ook groente, toch ;)?

Groen genieten in Maastricht

Uitzicht vanaf de Sint-Pietersberg in Maastricht.

Afgelopen dinsdag vierden we een dagje vakantie in een stad waar je je echt even in het buitenland waant: Maastricht. Het was prachtig weer: volop zon en lekker warm. In de stad zorgden de volle terrassen voor een gezellige aanblik en de zon maakte iedereen vrolijk. Ik was niet bewust op pad om groene hotspots te vinden, maar we kwamen op zulke fijne plekken terecht dat ik die graag deel. Voor als jij ook een dagje vakantie wilt vieren in eigen land.

Goedkoop met de trein
Het was even een reis, met de trein van Den Haag naar Maastricht. Twee uur en eenenveertig minuten heen en twee uur en eenenveertig minuten weer terug. Genoeg tijd dus om een boek te lezen of eindelijk eens aan dat tijdschrift dat al tijden in de mand ligt te beginnen. Of om gewoon uit het raam te staren en wat muziek te luisteren. We konden weer voordelig reizen: op treinreiziger.nl vonden we het NS Zomertoer-kaartje. We betaalden maar 26 euro voor twee personen, koopje! Het kaartje is nog t/m 31 augustus 2017 te verkrijgen, maar is alleen doordeweeks geldig en pas na 9.00 uur. Dat betekende dat wij net na 12 uur op het station in Maastricht stonden. Groene bonus bij dit kaartje: we hoefden het niet te printen, het e-ticket kon in de app van de NS geladen worden. Niet elke conducteur was hieraan gewend, maar het werkte prima.

Station Maastricht heeft groene bouwhekken en een groene uitkijktoren.

Het station met daarvoor de bouwput, vanaf de groene uitkijktoren gezien.

Groene bouwput
Op het station kwamen we meteen al een tof groen initiatief tegen: groene bouwhekken én een groene klimtoren. Voor het station wordt een ondergrondse fietsenstalling gebouwd en de gemeente probeert de overlast hiervan te beperken: met gezellig groen rondom de bouwput (net zoals we dat een tijdje terug in Utrecht zagen) en een met planten aangeklede toren vanwaar je een mooi uitzicht hebt op de werkzaamheden, het station en het omliggende gebied. Wij hadden al heel wat uurtjes in de trein gezeten, dus die klim omhoog was zeer welkom om de benen weer los te maken.

Falafel lunch bij de Brandweerkantine in Maastricht

Ziet er goed uit, toch?

De Brandweerkantine
Omdat er ’s middags een wandeling van 9 kilometer op het programma stond én het al rond lunchtijd was, begonnen we ons dagje Maastricht met een stevige lunch. We hadden van tevoren wat opties online bekeken, omdat we graag een plekje met goede vegetarische en het liefst ook biologische gerechten wilden vinden. Bij De Brandweerkantine waren we op het juiste adres! Daar koken ze met producten uit het seizoen en de streek, biologisch én met extra aandacht voor vegetarische gerechten. Gerbrand en ik gingen allebei voor de pita falafel met rode kool, feta en Andalouse-saus en daar kregen we geen spijt van! Superlekker was het 🙂 De kantine zelf ziet er ook erg leuk uit: lekker ruim, veel planten, knusse zithoekjes her en der en een mooie bar gemaakt van hergebruikt hout en kastjes. Ook ben je hier op het juiste adres wanneer je een fijne werkplek buiten de deur zoekt. Ze hebben zelfs een printer in de hoek waar je gebruik van kunt maken. Een Little Free Library maakt deze (hipster ;))plek af.

Links: gewildgroei op de oude stadsmuur, midden: een mooi doorkijkje, rechts: op de kazerne is educatieve graffiti 🙂

Tapijnkazerne
Na deze stevige lunch waren we klaar voor onze wandeling. We gingen op weg naar de Sint-Pietersberg en kwamen in de stad eerst nog langs de oude stadsmuur uit 1229, waar veel gewildgroei zich prima op thuisvoelt, door een park vol eendjes en ganzen en langs een oude kazerne. De Tapijnkazerne blijkt een hotspot in wording te zijn: op het terrein komt een openbaar park en diverse gebouwen met plek voor onderwijs en onderzoek. Er is nu al een biologische stadstuin, de Tapijntuin, die volop in ontwikkeling is, er zijn diverse startende bedrijfjes actief en er is een brasserie gevestigd in de voormalige kantine. Het terrein moet een groen en educatief terrein worden dat in 2020 gereed is.

Sint-Pietersberg Maastricht

Het mooie uitzicht op de Sint-Pietersberg.

Sint-Pietersberg en Natuurtuinen Jekerdal
Na het passeren van deze voormalige kazerne en via een klein stukje woonwijk, stonden we aan de voet van de Sint-Pietersberg. Gerbrand had een NS-wandeling van 9 kilometer uitgezocht die ons langs de rechterkant van de berg zou leiden. In de zon en met lange spijkerbroeken aan was het eerste stukje omhoog even wennen, maar het uitzicht dat we cadeau kregen maakte alles goed. Instant vakantiegevoel! Wijngaarden in de volle zon, glooiende heuvels, een plukje paarden in de diepte, echt prachtig! De route was verder prima te doen en zeker niet te zwaar. Algauw liepen we langs de rivier de Jeker Maastricht weer in. Daar liepen we tegen de CNME Natuurtuinen Jekerdal aan. Een plek waar verschillende ecologische tuinen te bewonderen zijn, je op een blotevoetenpad kunt lopen of gewoon even kunt uitrusten van je bergwandeling. En waar ze biologische fruitijsjes van NICE verkopen 🙂 Wij waren wel toe aan wat verkoeling en kochten bij een lieve dame twee ijsjes uit een vriezer met een slotje erop.

Sint Amorsplein Maastricht

Het terras op het Sint Amorsplein.

Terrasje Sint Amorsplein
Daarna waren we er klaar voor om het centrum van Maastricht weer op te zoeken. We liepen een tijdje met de Jeker mee en kwamen via de oude stadsmuur weer in het pittoreske centrum uit. Ik liet Gerbrand natuurlijk de boekhandel in de Dominicanenkerk even zien en daarna was het toch echt tijd om onze benen wat rust te gunnen op een fijn terras. De terrassen op het Vrijthof en de Markt lieten we links liggen, niet in de laatste plaats omdat André Rieu het hele Vrijthof in beslag had genomen voor zijn show. We wilden liever wat knusser zitten en kwamen uit op het Sint Amorsplein. Daar dronken we niet zulke biologische, maar wel erg lekkere biertjes en mixdrankjes (waaronder een Limoncello Spritz voor mij, oeh!), tussen de zwermen vliegende mieren die net gisteren besloten uit te vliegen. Ietwat onvast op de benen konden we na deze tussenstop meteen door naar het laatste programmaonderdeel: het diner.

Maastricht by night

De zon ging onder en maakte het allemaal nog mooier.

Eetcafé Céramique
Ook dit keer hadden we thuis al ons huiswerk gedaan en een tafeltje gereserveerd bij Eetcafé Céramique dat bekend staat om haar goede vegetarische en veganistische gerechten. Het was nog zo lekker warm dat we op het terras op de stoep konden eten. Dat voelde ook al zo vakantie-achtig aan, alsof we in een Italiaans straatje zaten 🙂 Gerbrand en ik deelden de veganistische proeverij: brood met bietenkaviaar, hummus en quinoasalade. Ik koos daarna voor de groene risotto als hoofd en die was super. Gerbrand had het meest spannende gerecht op de kaart: witlof lasagne met rabarber, brie-bechamel en een wodka-limesaus. Ook dit gerecht viel zeer in de smaak! Als toetje gingen we unaniem voor de tiramisu, uiteraard allebei een eigen portie.

Met een volle buik, een rozig hoofd en moe-gewandelde benen ploften we daarna weer in de trein om halfslapend de twee uur en eenenveertig minuten terug te reizen naar Den Haag. Iets voor eenen ’s nachts lagen we tevreden in bed.

Blije eitjes!

‘Zo doe ik dat gewoon’: wanneer gewoon ineens niet meer zo logisch is

Waarom gewoonten niet altijd logisch zijn.

Mijn dagen zijn gevuld met allerlei handelingen die ik al jaren uit gewoonte doe. Dat ene kopje koffie bij het ontbijt, dagcrème op mijn gezicht smeren, de manier waarop ik mijn fietsslot onder mijn zadel bind, de plek waar ik mijn sleutels neergooi als ik thuiskom, hoe ik een paprika snij en de manier waarop ik mijn kussen opklop voor ik ga slapen. Om er maar een paar te noemen. Over de meeste handelingen hoef ik niet na te denken, die gaan automatisch. Gelukkig maar, want anders zou elke dag een stuk meer energie kosten. Veel routines zijn nuttig: ze zorgen ervoor dat je handige basishandelingen verricht zonder al te veel moeite. Maar niet elke gewoonte is even logisch, als je er over na gaat denken.

Ik ben al geruime tijd bewust bezig met het aanpassen van mijn levensstijl, op allerlei gebieden. En wanneer je verandert, dan word je je bewust van gewoonten die ineens zo gewoon niet meer zijn. De grootste verandering begon, heel cliché, rond mijn dertigste. Ik raakte in een dipje en ging aan de slag om me weer fijn in mijn vel te voelen. Ik ging meer bewegen en nam mijn voedingspatroon onder de loep. Wat je in je mond stopt, is voor een groot deel ook maar net wat je gewend bent. Ik was een vleeseter, want dat aten we thuis ook elke dag. Ik lette niet bewust op de ingrediënten, want ik at ‘gewoon’ wat er in de supermarkt aangeboden werd. Maar door me daarvan wél bewust te worden, veranderde ik stap voor stap wat ik at. Elke gewoonte die ik veranderde, leidde tot het veranderen van weer een andere gewoonte, het werd een logisch pad. Door mijn keuze om zo min mogelijk toegevoegd suiker te eten bijvoorbeeld, ging ik van brood als lunch naar salades vol groente en van vleeseter naar vegetariër.

Ik pakte niet alleen mijn lijf aan, ook mijn hoofd kon wel wat verandering en vooral rust gebruiken. Ik begon de spullen in mijn huis met andere ogen te bekijken. Al die volle kasten, al die dingen die stof stonden te verzamelen en alles wat ik nog steeds dacht nodig te hebben: het was een gewoonte om te kopen waar ik ‘behoefte’ aan had en het was dus ‘logisch’ dat ik ‘gewoon’ meer opbergruimte nodig had. Dat het ook anders kon, daar kwam ik na veel opruimronden achter. Ik had niet méér nodig, maar minder. Minder bezitten én minder aanschaffen, dat zorgt voor rust.

Over veranderen en gewoonten

Naast de Reus van Rotterdam, die 2.37 meter lang was. Ik voel me klein!

Elke gewoonte die ik veranderde, werd vervangen door een nieuwe gewoonte. Dat is niet gemakkelijk. Het kost namelijk energie om iets anders te doen dan je gewend bent. Je moet er over nadenken, het kost meer tijd, kortom: het kost moeite. Onze hersenen vinden dat niet zo gezellig, zij besteden het liefst zo min mogelijk energie aan een taak. En als het lastig wordt, haken ze al helemaal snel af. Allemaal energieverspilling, het moet efficiënter! Het liefst willen ze dat je weer teruggaat naar je oude gewoonte, de routine die al geprogrammeerd staat en die hen nauwelijks energie kost. Daarom is het zo lastig om gewoonten te doorbreken: het ongemakkelijke gevoel kan ervoor zorgen dat je toch maar weer doet wat je altijd al deed.

Om groener te leven bekijk ik mijn gewoonten opnieuw kritisch. Elke dag douchen, dat hoeft eigenlijk niet. Elke ochtend ontbijten met yoghurt én kwark kan ook best anders. Het gas uitzetten als de rijst al aan de kook gebracht is, mijn kleding niet zomaar meer ergens kopen: hoe meer stappen ik zet op het gebied van duurzaamheid en hoe meer ik erover lees, hoe meer ik me realiseer welke gewoonten helemaal niet zo logisch zijn.

Stap voor stap pak ik ze aan, op een manier die bij mij past. Natuurlijk, er zijn altijd mensen die groener zijn dan ik. Iedereen begint op een ander punt en elk pad is anders. Dat maakt mijn keuzes niet slechter of beter dan die van een ander. Ook is het lastig om niet te snel te willen: het liefst is morgen alles anders! Maar dat kan niet. Nieuwe gewoonten aanleren kost tijd én moeite. Bovendien zijn niet alle gewenste veranderingen nu al zichtbaar. Ik leer door het gewoon te doen 🙂

Hoe groen was het toen? De vegetariër

Elke donderdag worden er op social media foto’s en berichten geplaatst met de hashtag #throwbackthursday, een kijkje in het verleden dus. En dat kan ook op een groene manier! Eens per maand duik ik de krantenarchieven van Delpher in, een vrij toegankelijke database opgezet door de KB, om te kijken: hoe groen was het toen? In deze aflevering: hoe werd er vroeger over vegetariërs gedacht? Ik had wel een boek vol kunnen schrijven, zoveel interessante, grappige en verbazingwekkende berichten kwam ik tegen. Ik hou het op deze ‘kleine’ selectie…

“Een Engelschman, zoo lezen wij, werd vegetariër en trouwde. Hij leefde van boonen- en aardappel-moes, meelpudding; wortelen en rapen. Tot ontbijt gebruikte hij enkel soep en brood. Deze sobere liefhebber begon zijn carrière met een inkomen van 2 dollars en 50 centen (Amerikaansch) per week en thans heeft hij 90.000 dollars per jaar.”

In 1878 en 1879 lees ik in de Java-bode en de Sumatra-courant berichten over een nieuwe beweging: het ‘vegetarianisme’. De krantenlezer werd daarin meteen gerustgesteld: “zij is niet gevaarlijk; haar aard is veeleer vredelievend, en zelfs weldadig, want zij streeft er naar, het menschdom op te heffen uit zijn stoffelijk en zedelijk verval.” Deze nieuwe voedingsleer werd bejubeld: “’Vegetarianisme’ is de tooversleutel, waarmee het Eden van het duizendjarig rijk eindelijk zal worden geopend.” Het verschijnsel ‘vegetariër’ was nog zo nieuw, dat enige uitleg wel op haar plaats was: “…en de liefde voor het plantengeslacht gaat bij hen zelfs zoo ver, dat zij afstand doen van alle dierlijk voedsel, in de eerste plaats natuurlijk van vleesch.” De krant benoemde drie soorten vegetariërs: de gemoedsvegetariërs, de verstandsvegetariërs en de principieele vegetariërs. De eerste groep heeft afschuw voor het dooden van dieren, de tweede groep eet geen vlees om gezondheidsredenen en de derde groep verenigt beide principes. Er was in die tijd trouwens geen onderscheid tussen veganisten en vegetariërs, er was slechts een verschil in ‘strengheid’. In het artikel in de Sumatra-courant wordt uitgebreid uit de doeken gedaan wat de vegetariërs wél eten en dat “de Vegetariër zich voor 30 cent per dag voldoende [kan] voeden.” Om de prijs hoefde je het dus niet te laten.

In 1894 wordt de Nederlandse Vegetariërsbond opgericht. Het was in het begin lastig om het bestuur te vormen, niet veel mensen stonden te springen om deze taak op zich te nemen. Er werden ook lokale afdelingen opgericht, maar de leden toonden weinig betrokkenheid en de vergaderingen vonden zij saai. Ondanks deze opstartproblemen heeft de bond in 1989 zo’n 3300 leden.

Vanaf begin 1900 tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog is het beeld van over vegetariërs gevarieerd. Er worden grapjes over gemaakt, vaak in stripvorm. Zoals het plaatje in de Haagsche courant in 1902 waar een meneer met maagpijn zegt: “Ik heb groote lust, vegetariër te worden.” Waarop zijn vrouw zegt: “Niet noodig! Je hebt al pleziertjes genoeg.” Of het stripje in de Nieuwe Tilburgsche Courant in 1934, waar een man de ober vraagt om “een groote biefstuk met aardappelen… veel aardappelen! Ik ben vegetariër.” In een ander stripje staat een bedelaar kwijlend voor de etalage van de slager, te wensen dat ie vegetariër was en ik vind ook een plaatje van een vegetariër die aangevallen wordt door een stier en het beest waarschuwt dat hij nu geen vegetariër meer is. Tegelijkertijd verschijnen er berichten om de positieve effecten van plantaardig eten te belichten. Zo worden er verschillende wedstrijden gehouden tussen vegetariërs en vleeseters om hun uithoudingsvermogen te vergelijken. In 1911 wandelen “twee even rijke als excentrieke Amerikanen” van Boston naar San Francisco, waarbij ze om de beurt “een kar met mondvoorraad voortduwen”. Degene “wiens body bij de aankomst in San Francisco het meest voordeelig uitziet, heeft daarmee het bewijs geleverd voor de superioriteit van zijn voedingssysteem.” Wie deze wedstrijd won, weet ik niet, maar een wedstrijd in 1933 tussen een “Noorsch vegetariër” en een “Deensch vleescheter” werd “een triomf van het vegetarisme”. In 1934 streden twee Hongaren om de eer door van Boedapest naar Rome hard te lopen, maar deze wedstrijd was onbeslist: ze “zijn te zamen in de Italiaansche hoofdstad aangekomen.”

Ook worden bijzondere vegetariërs uitgelicht in de nieuwsberichten. Zo meldt het Limburgsch dagblad in 1936: “Worstkoning wordt vegetariër”. Deze directeur van een worstfabriek “schroomde niet, zich openlijk als vegetariër te gedragen en weigerde bij feestmaaltijden iets anders te nuttigen dan groenten en fruit.” De aandeelhouders van het bedrijf waren hier niet blij mee en besloten hem te ontslaan. “De ‘worstkoning’ thans een vijand van worst, heeft tegen dit besluit een aanklacht ingediend.” En in 1940 schrijft Het volk, dagblad voor de arbeiderspartij, over een dienstplichtige die vrijgesteld werd van militaire dienst, omdat “hij zelfs bezwaar had om groenten te doden.” “Door ze rauw op te eten, nam men hun leven over, zei hij.” De rechter had hier zijn bedenkingen bij, want hoe kun je groenten eten, zonder deze te doden. De “wel zeer principiële vegetariër” gaf aan dat “men de wortel hierdoor in zijn eigen bloedsomloop opneemt”.

In de oorlog hebben mensen wel iets anders aan hun hoofd dan grapjes over vegetariërs maken. Dan is de belangrijkste vraag: mogen de vleesbonnen door vegetariërs ingewisseld worden voor extra boter of andere levensmiddelen. Het blijkt een onduidelijke en lastige kwestie, in eerste instantie krijgen de vegetariërs geen extra levensmiddelen om hun vleesloze menu aan te vullen. In 1945 vind ik een bericht dat leden van de Vegetariërsbond hier wel recht op krijgen, maar alleen op vertoon van hun lidmaatschap. Niet alle vegetariërs zijn hier blij mee: “Kan men geen vegetariër zijn zonder lid van een bond te zijn?”

In de jaren ’50 variëren de berichten. Zo wordt er “een extreme meening” geciteerd uit De Vegetarische Bode, waarin een dame mededeelde ook geen melk en kaas meer te eten, omdat “Aan dit heel proces bevruchting, zwangerschap, verlossing, kleeft enorm veel leed en zonden; daaraan wil ik als vegetariër niet mede schuldig zijn.” Volgens de schrijver die dit bericht citeert, moest deze dame “eens weten, welk proces schuldig is aan haar!” Maar er wordt ook enthousiast geschreven over een 80-jarige schrijfster van receptenboeken, die al vijftig jaar vegetarisch leeft. En in 1954 vind ik in een krantenartikel over een jubileumviering van de afdeling Friesland van de Nederlandse Vegetariërs Bond: “De volwaardigheid van een vegetarische maaltijd staat nu wetenschappelijk vast.” Eindelijk, want nu kan de bond zich volledig wijden aan het ethische standpunt, dat er jaarlijks 20 miljoen dieren voor de mens worden gedood. (Ter vergelijking: in 2012 werden er alleen al ruim 553 miljoen dieren geslacht…)

In de jaren daarna is de informatie over vegetariërs vooral informatief. Dat het voor restaurants best even wennen is om een vegetarische klant te bedienen bijvoorbeeld, waarbij de ober eerst een coupe rood ijs serveert, om deze even later vlug om te wisselen voor wit ijs: “Ik vertrouwde het niet helemaal, mijnheer.” Ook een mooie quote uit dit artikel: de vleeseter die uit eten ging met de vegetariër verbaasde zich erover dat eieren wel gegeten werden: “omdat een ei nu eenmaal al een beetje kip is”. In 1965 laat het Limburgsch dagblad weten dat er binnen het vegetarisme een nieuwe groep is ontstaan: de “Vegans” (toen nog mét hoofdletter). Zij genoten tijdens een congres onder andere van appeltaart met vegan-room, gemaakt van zeewier en sinaasappelsap. Ik ben erg benieuwd hoe romig dat smaakte… Verder wordt er in 1967 een bejaardentehuis speciaal voor vegetariërs geopend.

In 1968 vindt Vroom & Dreesmann dat het tijd is om de Nederlanders kennis te laten maken met ‘TVP’, Textured Vegetable Proteine. Het kunstvlees bevat extra veel proteïne en zou daardoor zeer geschikt zijn voor vegetariërs. Die moeten echter niets hebben van dit spul en vinden het meer een product voor vleeseters die de overstap naar een vegetarisch dieet willen maken. Maar het kunstvlees flopt, mensen vinden ‘kunst’ niet goed klinken in combinatie met een voedingsmiddel én de bereidingswijze is veel te lang. TVP moet namelijk eerst anderhalf uur weken voordat het verder bereid kan worden.

Vegetarisch eten wordt steeds normaler in de jaren die volgen en juist de consumptie van vlees staat nu meer ter discussie. De invloed van vlees eten op het milieu en de rotzooi die in vlees kan zitten, zoals antibiotica, hormonen en resten van pesticiden, zorgen ervoor dat steeds meer mensen vegetarisch gaan eten. En dat leidt ertoe dat de vegetariër eindelijk geen vreemde eend in de bijt meer is: “Meen vooral niet dat de vegetariër, zoals hij zich noemt, op een afstand herkenbaar is aan zijn wereldvreemde blik, zijn bleke gelaatskleur, geitenwollen sokken of afwijkend gedrag. Verre daarvan. De vegetariër anno 1972 is recht-toe-recht-aan. Hij is man of vrouw, rijk of arm, handarbeider of hoofdarbeider, jong of oud.”

Bronnen:

“De vegetariërs echter staan de meening voor, dat een”. “Java-bode : nieuws, handels- en advertentieblad voor Nederlandsch-Indie”. Batavia, 27-08-1878. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010484608:mpeg21:a0027

“Vegetarianisme en Vegetariërs.”. “Sumatra-courant : nieuws- en advertentieblad”. Padang, 03-05-1879. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011102452:mpeg21:a0028

https://nl.wikipedia.org/wiki/De_Nederlandse_Vegetari%C3%ABrsbond

“Onnoodig.”. “Haagsche courant”. ‘s-Gravenhage, 13-10-1902. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB04:000126869:mpeg21:a0109

“DE VEGETARIëR.”. “Nieuwe Tilburgsche Courant”. Tilburg, 06-04-1934. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010237005:mpeg21:a0267

“Advertentie”. “De Sumatra post”. Medan, 23-11-1925. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010359382:mpeg21:a0034

“De mishandelde vegetariër: „En luister eens goed,”. “Provinciale Geldersche en Nijmeegsche courant”. Nijmegen, 16-11-1931. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMRANM02:000033974:mpeg21:a0010

“Vegetariër contra Vleescheter.”. “De Telegraaf”. Amsterdam, 13-10-1911. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:110560934:mpeg21:a0106

“VEGETARIëR TEGEN VLEESCHETER Wedloop”. “Bredasche courant”. Breda, 30-08-1933. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMSAB03:000066129:mpeg21:a0099

“TRIOMF VAN HET VEGETARISME.”. “Limburgsch dagblad”. Heerlen, 30-08-1933. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010929964:mpeg21:a0154

“EEN MERKWAARDIGE WEDDENSCHAP. — Twee Hongaren, een vegetariër en een „vleescheter”, hebben onlangs een weddenschap aangegaan betreffende hun uithoudingsvermogen. De beide athleten hebben den afstand Boedapest—Rome in vijftien dagen afgelegd en zijn te zamen in de Italiaansche hoofdstad aangekomen. De wedders in de nabijheid van Rome.”. “Algemeen Handelsblad”. Amsterdam, 06-12-1934. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010663128:mpeg21:a0101

“„WORSTKONING” AVORDT VEGETARIëR.”. “Limburgsch dagblad”. Heerlen, 22-08-1936. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010929753:mpeg21:a0240

“Zelfs groenten wil hij niet doden”. “Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij”. Amsterdam, 24-01-1940. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011117454:mpeg21:a0177

“Vragen van deze tijd ….mèt de antwoorden De vegetariërs”. “Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij”. Amsterdam, 06-08-1940. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011117600:mpeg21:a0069

“VEGETARIERS EN VLEESCHBONNEN, Mijnheer de Redacteur.”. “Rotterdamsch nieuwsblad”. Rotterdam, 01-02-1941. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011002642:mpeg21:a0270

“Derde bespreking”. “Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij”. Amsterdam, 20-09-1940. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011117639:mpeg21:a0159

“MENINGEN DER LEZERS Vegetariërs.”. “De waarheid”. ‘s-Gravenhage, 28-06-1945. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMNIOD05:000171730:mpeg21:a0032

“Tijdspiegel Fijngevoelig”. “De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad”. ‘s-Hertogenbosch, 30-08-1946. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011201652:mpeg21:a0052

“Diëtiste nummer één van ons land Martine Wittop Koning 80 en nog bezig met recepten”. “De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad”. ‘s-Hertogenbosch, 02-02-1950. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011199693:mpeg21:a0070

“Jubileumviering vegetariërs”. “Leeuwarder courant : hoofdblad van Friesland”. Leeuwarden, 22-11-1954. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010613955:mpeg21:a0152

http://www.boerderij.nl/PageFiles/154637/001_1367409815506.pdf

“Vegetarisch ijs”. “Leeuwarder courant : hoofdblad van Friesland”. Leeuwarden, 24-04-1963. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010616526:mpeg21:a0158

“Nieuwe groep”. “Limburgsch dagblad”. Heerlen, 15-10-1965. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010526443:mpeg21:a0218

“LEVENSJOURNAAL BEJAARDEN”. “De Telegraaf”. Amsterdam, 12-05-1967. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:110590397:mpeg21:a0310

“Hachee”. “De tijd : dagblad voor Nederland”. Amsterdam, 30-11-1970. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011235065:mpeg21:a0121

https://nl.wikipedia.org/wiki/Textured_vegetable_proteine

“Veel vleeseters willen werkelijkheid niet kennen”. “Amigoe di Curacao : weekblad voor de Curacaosche eilanden”. [Willemstad, 01-09-1973. Geraadpleegd op Delpher op 23-05-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010461320:mpeg21:a0127

De Vijf: favoriete vegetarische recepten

De Vijf: vegetarische vleesvervangers

De Vijf is een rubriek waarin ik vijf (goh, wat een verrassing!) favorieten deel. Vijf favoriete groene items bijvoorbeeld, of vijf fijne groene websites. Vijf groene locaties misschien of vijf groene bloggers. Alles kan in ‘De Vijf’! Dit keer inspiratie voor in de keuken: mijn vijf favoriete vegetarische recepten. Die Gerbrand en ik misschien wel iets té vaak eten 😉

Pasta Bolognese
We hebben dit gerecht al een aantal keer aan gasten voorgezet en die vragen altijd om nóg een bordje. In deze pasta bolognese gebruikt Jamie Oliver linzen in plaats van gehakt. Dat geeft het gerecht eenzelfde soort structuur en maakt het tegelijkertijd nóg voedzamer! En als je begint met koken en je gooit de basisingrediënten in de pan om 20 minuten te sudderen, dan ruikt het meteen goddelijk in de keuken. Stukje ciabatta erbij en je bent klaar voor een gezellige avond Italiaans dineren.

Chili sin carne
Nog een super recept van Jamie, chili maar dan zónder de carne. En ook hier heeft hij het vlees slim én gezond vervangen, namelijk door zoete aardappel. Die gooi je eerst zo’n drie kwartier met kaneel en chilipoeder in de oven en daarna gaan de blokjes aan het eind door de chili. Zoooo lekker! Ik vind deze variant eigenlijk veel lekkerder dan de optie met vlees. En het is handig in een grote portie te maken, zodat er lekker veel mensen kunnen aanschuiven.

Curry met geroosterde paprika en kikkererwten
Curries, je kunt me ervoor wakker maken. Sowieso ben ik meer van de pittige, kruidige gerechten, dan van romige maaltijden en met een curry zit ik dan meestal goed. Deze vegan curry van Culy.nl is makkelijk én superlekker! Goed, het is even een klusje om het velletje van de geroosterde paprika’s af te pulken (pas op, heet!), maar daarna maak je er wel de lekkerste currysaus mee. Dit recept zit bomvol gezondheid: spinazie, paprika én kikkererwten. Bonustip: maak een extra grote pan en vries een portie in voor een dag dat je echt geen tijd hebt om te koken. Curries smaken altijd lekkerder op ‘kliekjesdag’.

Risotto
Eh, dit begint een Jamie Oliver-lijstje te worden… Maar die man maakt gewoon heerlijke gerechten! Dit basisrecept voor risotto moet zéker in dit lijstje. Je kunt hier niet de mist mee in gaan. Ok, het is geen groenterijk gerecht en met deze hoeveelheden parmezaan en roomboter voel je tijdens het eten je heupen breder worden, maar jongens, dit is hoe comfort food bedoeld is! Een recept voor een lange, luie zondag en dan met je bord op de bank.

Ratatouillequiche
Hou je bij dit recept vooral niet in met de hoeveelheid groente die je erin stopt. Dit is zo’n gerecht dat ideaal is voor aan het einde van de week, als die groentela met restjes leeg moet. Ik versier deze quiche altijd met gehalveerde tomaatjes bovenop en voeg aan het eiermengsel nog wat extra kruiden toe, zoals chilipoeder en kerrie. Ik eet de quiche daarna met wat rauwe spinazie erbij, zodat ik nóg meer groente binnenkrijg. Kan ik meteen die risotto van Jamie weer compenseren 😉 Ook handig: je kunt deze quiche gemakkelijk van tevoren klaarmaken als je eters krijgt en snel even opwarmen als je aan tafel wilt. Dan hoef je niet de hele tijd in de keuken te staan en kun je je bezighouden met je visite in plaats van met het koken. In ons huis, met een aparte keuken, is dat wel zo gezellig.

Eet smakelijk!